201798
<Aanduiding locatie>SI Motion P1 (CU): Teststop actief
Meldingswaarde:
-
Aandrijvingsobject: HLA_828, SERVO_828, SERVO_COMBI
Reactie:
GEEN
Bevestiging:
ONMIDDELLIJK (POWER ON)
Oorzaak:
De teststop is actief.
Oplossing:
Geen vereist.
Deze melding verdwijnt bij het beëindigen van de teststop.
Aanwijzing:
SI: Safety Integrated
201799
<Aanduiding locatie>SI Motion P1 (CU): Afnametestmodus actief
Meldingswaarde:
-
Aandrijvingsobject: HLA_828, SERVO_828, SERVO_COMBI
Reactie:
GEEN
Bevestiging:
ONMIDDELLIJK (POWER ON)
Oorzaak:
De afnametestmodus is actief.
Dit betekent het volgende:
- De doelwaardesnelheidsbegrenzing is uitgeschakeld (r9733).
- De standaard eindschakelaars zijn tijdens de afnametest van de functie SLP (SE) uitgeschakeld (bij EPOS intern, anders
via r10234).
- Bij veiligheidsfuncties met SINUMERIK geldt: de POWER ON-meldingen van de veilige bewegingsbewakingsfuncties
kunnen tijdens de afnametest met de bevestigingsmogelijkheden van de overkoepelende besturing worden bevestigd.
Oplossing:
Geen vereist.
Deze melding verdwijnt bij het verlaten van de afnametestmodus.
Aanwijzing:
SI: Safety Integrated
SLP: Safely-Limited Position (Veilig begrensde positie) / SE: Safe software limit switches (Veilige software-
eindschakelaars)
201800
<Aanduiding locatie>DRIVE-CLiQ: hardware/configuratie fout
Meldingswaarde:
%1
Aandrijvingsobject: Alle objecten
Reactie:
Infeed: GEEN (UIT1, UIT2)
Servo: GEEN (IASC/DCBRK, STOP2, UIT1, UIT2, UIT3)
Hla: GEEN (STOP2, UIT1, UIT2, UIT3)
Bevestiging:
ONMIDDELLIJK (POWER ON)
Oorzaak:
Er is een fout opgetreden bij de DRIVE-CLiQ-verbinding.
Storingswaarde (r0949, decimaal interpreteren):
100 ... 107:
De communicatie via DRIVE-CLiQ-bus X100 ... X107 is niet omgeschakeld op de cyclische modus. De oorzaak kan een
foute opbouw of een configuratie zijn, die een onmogelijke bustiming tot gevolg heeft.
10:
Verlies van de DRIVE-CLiQ-verbinding. De oorzaak kan bijv. het aftrekken van de DRIVE-CLiQ-leiding van de Control
Unit zijn of door kortsluiting bij motoren met DRIVE-CLiQ ontstaan. Deze fout kan pas bevestigd worden bij cyclische
communicatie.
11:
Herhaalde fouten bij de verbindingsherkenning. Deze fout kan pas bevestigd worden bij cyclische communicatie.
12:
Een verbinding werd herkend maar de vervanging van de deelnemerherkenning werkt niet. De oorzaak is waarschwijnlijk
een defect component. Deze fout kan pas bevestigd worden bij cyclische communicatie.
Alarmen
Diagnosehandboek, 01/2015, 6FC5398-8BP40-5JA2
SINAMICS-alarmen
719