Richt de straal niet direct op de afdichtingen
van de zijruiten, portieren, glazen dak of dop-
pen; dit geldt ook voor banden, rubberslan-
gen, geluidsisolerend materiaal, sensoren en
cameralenzen. Houd een afstand van minstens
40 cm aan.
Verwijder geen sneeuw of ijs met een hoge-
drukreiniger.
In geen geval rondstraalsproeikoppen of vuil-
frezen gebruiken.
Het water mag niet warmer zijn dan 60 °C.
Automatische wasstraten
Besproei de wagen voordat u het wassen start.
Controleer of de ruiten en het glazen dak ge-
sloten zijn en de ruitenwissers uitgeschakeld.
Houd rekening met de aanwijzingen van de be-
diende van de wasstraat, met name wanneer er
afneembare onderdelen zijn aan uw wagen.
SEAT raadt wasstraten zonder borstels aan.
Met de hand wassen
Reinig de wagen van boven naar onderen met
een zachte spons of een wasborstel. Gebruik
reinigingsproducten zonder oplosmiddelen.
Polijsten
Het polijsten is enkel nodig wanneer de lak van
de wagen zijn glans heeft verloren en niet her-
steld kan worden met verzorgingsproducten.
Verzorging en reiniging van de wagen
Onderhoud
Polijst geen mat gelakte oppervlakken! Indien
u probeert de laklaag glanzend te maken,
kan het oppervlak onherstelbaar beschadigd
raken.
Wagens met matte laklaag wassen
Om de wagen te wassen gebruikt u best een
speciaal reinigingsmiddel voor matte lak.
Voor meer informatie raadpleegt u een offici-
ële dealer.
Verstuif het product op de carrosserie en laat
het minstens 2 minuten inwerken; bewerk één
zone tegelijk. Reinig de behandelde zone met
een microvezeldoek zonder te veel druk uit
te oefenen, tot al het vuil is verwijderd. Na
reiniging brengt u het product nogmaals zone
per zone aan, tot u een gelijkmatige afwerking
krijgt.
Indien de auto veel insecten of hardnekkig vuil
heeft, verstuif het product dan over het vol-
ledige oppervlak, laat 2 minuten inwerken en
spoel goed af met water onder druk. Na het
drogen brengt u het product zone per zone
aan en verspreid u het met een microvezel-
doek zonder te veel druk uit te oefenen, tot u
een gelijkmatige afwerking krijgt.
In beide gevallen krijgt u met het nog een laat-
ste keer aanbrengen een perfecte afwerking
en een beschermlaag tegen vuil en water.
WAARSCHUWING
●
Was de wagen enkel met uitgeschakeld
contact of volgens de aanwijzingen van de
bediende van de wasstraat. Gevaar voor on-
gevallen!
●
Indien u de onderkant van de wagen of
binnenkant van de wielkasten schoonmaakt,
moet u opletten voor scherpe metalen voor-
werpen. Gevaar voor snijwonden!
●
Na de reiniging is het mogelijk dat de rem-
men iets trager reageren door het vocht, of
door ijsvorming op de remschijven of -blok-
ken. Gevaar voor ongevallen! De remmen
moeten dan eerst worden drooggeremd.
WAARSCHUWING
Het verkeerde gebruik van hogedrukreini-
gers kan schade veroorzaken. Dit kan onge-
vallen en ernstige letsels tot gevolg hebben.
●
Richt de straal van de hogedrukreiniger
nooit rechtstreeks op de oranje hoogvoltka-
bels, de componenten van het hoogvoltsys-
teem of de elektrische installatie van 12 volt.
383