5
Een IP-adres toewijzen
Om deze machine te gebruiken in de IPv4-netwerkomgeving, wijst u een IP-adres toe aan deze machine.
In de beheerdersmodus, selecteert u [Network] - [TCP/IP Setting] - [TCP/IP Setting] en configureert dan de
volgende instellingen.
Instellingen
[TCP/IP]
[Network Speed]
[IP Address Setting
Method]
[IP Address]
[Subnet Mask]
[Default Gateway]
5-4
Beschrijving
Selecteer [ON] om TCP/IP te gebruiken.
[ON] wordt standaard opgegeven.
Selecteer de netwerksnelheid naargelang van uw omgeving.
Standaard is dit [Auto (10M/100Mbps)].
Selecteer [Manual Setting] om het IP-adres handmatig in te voeren.
Om het IP-adres automatisch te verkrijgen met DHCP, selecteert u [Auto
Setting] en geeft u vervolgens de automatische invoermethode op. Scha-
kel in normale omstandigheden het selectievakje [DHCP] in.
[Auto Setting] wordt standaard opgegeven.
Als u [Manual Setting] selecteert voor [IP Address Setting Method], voert u
het vaste IP-adres in dat is toegewezen aan de machine.
Als u [Manual Setting] selecteert voor [IP Address Setting Method], moet u
het subnetmasker invoeren.
Als u [Manual Setting] selecteert voor [IP Address Setting Method], moet u
de standaard gateway invoeren.
De IPv4-omgeving gebruiken
d-Color MF752/652
5.1