›
De infotainmentbediening via de applicatie vrijgeven. Hiertoe het sensorveld
en vervolgens de functietoets → Dataoverdracht mobiele apparaten → Bedie-
ning door apps: → Bevestigen/Toestaan aantippen.
›
Het infotainment via WLAN verbinden met een extern apparaat
›
Op het externe apparaat een applicatie voor de infotainmentbediening (bv.
ŠKODA Media Command) starten.
Geldt voor het infotainment Swing
›
Op het infotainment de dataoverdracht inschakelen. Hiertoe de toets
indrukken en vervolgens de functietoets Dataoverdracht voor ŠKODA-apps active-
ren aantippen.
Let op
Instructies voor infotainmentbediening via ŠKODA Media Command zijn on-
derdeel van de applicatie.
Spraakbediening
Inleiding
Geldt voor het infotainment Columbus, Amundsen, Bolero.
De menu's Navigatie, Telefoon, radio en Media kunnen met spraakcommando's
worden bediend.
De spraakbediening kan zowel door de bestuurder als de bijrijder worden ge-
bruikt.
Functievoorwaarden van de spraakbediening
Het infotainment is ingeschakeld.
Er volgt geen telefoongesprek via een met het infotainment verbonden te-
lefoon.
De parkeerhulp is niet actief.
Aanwijzingen voor de optimale verstaanbaarheid van de spraakcomman-
do's
De spraakcommando's kunnen alleen worden uitgesproken, wanneer op het
▶
infotainmentbeeldscherm het symbool
toon volledig geklonken heeft.
▶
Met een normaal volume spreken, zonder beklemtoning en zonder lange
spreekpauzes.
▶
Een slechte uitspraak voorkomen.
» pag.
179.
weergegeven wordt en de ingave-
De portieren en ruiten sluiten, daardoor worden storende invloeden op de
▶
spraakbediening uit de omgeving voorkomen.
▶
Bij hogere snelheden wordt geadviseerd luider te spreken, zodat de spraak-
commando's niet door de hogere omgevingsgeluiden worden overstemd.
▶
Tijdens de spraakbediening andere geluiden in de wagen (bv. tegelijkertijd
sprekende inzittenden) beperken.
ATTENTIE
Het noodnummer dient altijd handmatig te worden gekozen. Uw spraak-
commando's worden in stresssituaties mogelijk niet herkend. De telefoon-
verbinding kan dan mogelijk niet worden opgebouwd of het opbouwen van
de verbinding kan dan te veel tijd in beslag nemen.
VOORZICHTIG
De meldingen worden door het infotainment gegenereerd. Een perfecte ver-
■
staanbaarheid (bijvoorbeeld straat- of stadnaam) kan niet altijd worden gega-
randeerd.
Voor enkele infotainmenttalen is de spraakbediening niet beschikbaar. Dit
■
wordt door het infotainment kenbaar gemaakt met een tekstmelding, die na
het instellen van de infotainmenttaal op het beeldscherm verschijnt.
Let op
Gedurende de spraakbediening worden geen navigatiemeldingen en verkeers-
informatie weergegeven.
Spraakbediening in-/uitschakelen
Inschakelen
›
De toets op het multifunctiestuurwiel indrukken of het sensorveld
het infotainment aantippen (geldt niet voor het infotainment Columbus).
Afb. 180
Spraakbediening: Hoofdmenu
135
Infotainmentbediening
op