188
TECHNIEK IN DETAIL
de motorfiets op een schuin
wegdek blijft staan.
De remdruk in het remsysteem
is afhankelijk van de helling.
Invloed van de helling op
remdruk en wegrijgedrag
Bij het stoppen op een lichte
helling wordt er slechts wei-
nig remdruk opgebouwd. Bij
het wegrijden wordt de rem
snel losgezet. Er kan rustiger
worden weggereden. Extra
opendraaien van de gashendel
is nauwelijks nodig.
Bij het stoppen op een steile
helling wordt een hoge rem-
druk opgebouwd. Het loszet-
ten van de rem bij het weg-
rijden duurt iets langer. Voor
het wegrijden is meer koppel
nodig, waardoor de gashendel
verder moet worden openge-
draaid.
Gedrag bij rollend of glijdend
voertuig
Als het voertuig bij actieve Hill
Start Control rolt, wordt de
remdruk verhoogd.
Als het achterwiel glijdt,
wordt de rem na Circa
1 m weer losgezet. Zo
wordt bijv. het wegglijden
met blokkerend achterwiel
voorkomen.
Loszetten van de rem bij
afzetten van de motor of
tijdsoverschrijding
Bij het afzetten van de motor
met de nooduitschakelings-
schakelaar, bij het uitklappen
van de zijstandaard of na tijds-
overschrijding (10 minuten)
wordt de Hill Start Control ge-
deactiveerd.
Naast de controle- en waar-
schuwingslampjes moet de
berijder door het volgende ge-
drag op de deactivering van de
Hill Start Control worden ge-
wezen:
Remwaarschuwingsruk
De rem wordt kort losgezet
en meteen weer geactiveerd.
Daarbij is een ruk voelbaar.
Het gedeeltelijk integrale
ABS-remsysteem regelt
een snelheid van circa Circa
1...2 km/h in.
De berijder moet het voertuig
handmatig afremmen.
Na twee minuten, of bij rem-
bediening, wordt Hill Start
Control compleet gedeacti-
veerd.
Bij het uitschakelen van
het contact wordt de te-
gendruk onmiddellijk en zonder
remwaarschuwingsruk afge-
bouwd.