THERMOSTATISCHE AIRCONDITIONING
2
13
Achterruitverwarming
Druk op de knop 13, het ingebouwde contro-
lelampje brandt.
De achterruit wordt snel ontwasemd en de
buitenspiegels worden snel verwarmd (af-
hankelijk van de uitvoering van de auto).
Om deze functie uit te schakelen, drukt
u opnieuw op de knop 13. De verwarming
schakelt na enige tijd automatisch uit.
3.10
(5/6)
Regelen van de luchtverdeling
in het interieur.
Er zijn drie standen voor de luchtverdeling
en deze standen kunnen met elkaar worden
gecombineerd.
Druk op de knop B, C of D om de luchtver-
deling te regelen. Het geïntegreerde contro-
lelampje licht op om de geselecteerde ver-
deling weer te geven:
õ
De lucht wordt naar de ontwase-
mingsroosters van de zijruiten en
van de voorruit gevoerd.
ô
De lucht wordt naar de roosters in
het midden voorin en achterin ge-
B
voerd.
ó
De lucht wordt naar de voeten-
C
ruimtes gevoerd.
De luchtverdeling in het interieur wordt niet
langer automatisch geregeld. De geselec-
D
teerde werking wordt aangegeven.
NB.: als de standen B en C (of B, C en D)
zijn gecombineerd, wordt de lucht naar de
bovenste ventilatieroosters van het dash-
board en naar de roosters in het midden
voorin en achterin gevoerd (niet naar de ont-
wasemingsroosters van de zijruiten en van
de voorruit ).
Als geen enkele stand voor de luchtver-
deling wordt geselecteerd, blijft de lucht-
stroom zoals voorheen.