Menufunctie-instellingen
3
Live View-opname
U kunt Live View-opname. instellen op [Inschakelen] of
[Uitschakelen].
AF-methode
U kunt [u+volgen], [FlexiZone - Multi] of [FlexiZone - Single]
selecteren. Zie pagina 206-213 voor meer informatie over de AF-
methode.
Continue AF
De standaardinstelling is [Inschakelen].
De camera blijft voortdurend op het onderwerp scherpstellen om een
ruwe scherpstelling te behouden. Hierdoor kan er sneller
daadwerkelijk worden scherpgesteld wanneer de ontspanknop half
wordt ingedrukt. Indien [Inschakelen] is geselecteerd, zal de lens
voortdurend zijn geactiveerd. Dit verbruikt meer accuvermogen.
Hierdoor wordt het aantal mogelijke opnamen verminderd door een
kortere levensduur van de accu).
Als u de focusinstellingsknop op de lens tijdens Continue AF op
<MF> wilt zetten, moet u eerst Live View-opnamen stopzetten.
Touch Shutter
Door eenvoudigweg op het LCD-scherm te tikken, kunt u
scherpstellen en automatisch een opname maken. Zie pagina 214
voor meer informatie.
Raster weergeven
Met [Raster 1l] of [Raster 2m] kunt u rasterlijnen weergeven.
U kunt de horizontale of verticale kanteling controleren tijdens de
opname.
204
Hieronder volgen de menuopties.
De instelbare functies in dit
menuscherm zijn alleen van
toepassing bij Live View-opnamen.
Ze gelden niet voor opnamen met de
zoeker (de instellingen worden dan
uitgeschakeld).