24 Veilig en op de juiste wijze › Na een ongeval
Na een ongeval
Wat te doen na een ongeval
Indien mogelijk de volgende aanwijzingen opvolgen.
›
Het contact uitschakelen.
›
De alarmlichten inschakelen.
›
Bij wagens op aardgas vonkenveroorzakende of
brandgevaarlijke voorwerpen uit de wagen verwij-
deren (bv. sigaretten doven enz.).
›
De gevarendriehoek opzetten om de andere weg-
gebruikers te waarschuwen.
›
Samen met de passagiers een veilige afstand tot de
wagen aanhouden.
›
Het ongeval melden bij de reddingsdiensten. Indien
het een wagen op aardgas betreft de reddings-
diensten hierover informeren.
›
Wachten tot de reddingsdiensten zijn gearriveerd.
Veiligheidssystemen
Na een ongeval zijn de veiligheidssystemen van de
wagen, bv. veiligheidsgordels en airbagsysteem mo-
gelijk buiten werking.
De veiligheidssystemen van de wagen, ook als
▶
geen belasting of activering heeft plaatsgevonden,
door een specialist laten controleren.
Beschadigde, belaste of geactiveerde onderdelen
▶
van de veiligheidssystemen door een specialist la-
ten vervangen.
Wat doen in geval van brand
Indien mogelijk de volgende aanwijzingen opvolgen.
›
Het contact uitschakelen.
›
De alarmlichten inschakelen.
›
De gevarendriehoek opzetten om de andere weg-
gebruikers te waarschuwen.
›
Samen met de passagiers een veilige afstand tot de
wagen aanhouden.
›
De brand melden bij de reddingsdiensten. Indien
het een wagen op aardgas betreft de reddings-
diensten hierover informeren.
›
Wachten tot de reddingsdiensten zijn gearriveerd.
WAARSCHUWING
Indien het een wagen op aardgas betreft de volgen-
de aanwijzingen in acht nemen.
Niet proberen om het vuur zelf te blussen.
▶
U niet begeven in de buurt van de brandende wa-
▶
gen.