Tanken
WAARSCHUWING
Brandstof is licht ontvlam-
baar
Brand- en explosiegevaar
Bij werkzaamheden aan de
benzinetank niet roken en van
open vuur verwijderd blijven.
WAARSCHUWING
Weglekken van brandstof
door uitzetting bij warmte en
te ver gevulde brandstoftank
Kans op ongevallen
De benzinetank niet teveel
vullen.
ATTENTIE
Brandstof op kunststof op-
pervlakken
Beschadiging van oppervlakken
(worden lelijk of dof)
Kunststof oppervlakken onmid-
dellijk na contact met brandstof
reinigen.
De motorfiets op de zijstan-
daard plaatsen en erop letten
dat de ondergrond vlak en ste-
vig is.
met middenbok
SU
De motorfiets op de midden-
bok plaatsen en erop letten dat
de ondergrond vlak en stevig
is.
Beschermklepje 1 openen.
Dop 2 van de brandstoftank
met de contactsleutel rechtsom
ontgrendelen en open klappen.
Brandstof tanken tot maximaal
de onderkant van de brandstof-
vulnippel.
OPMERKING
Als er wordt getankt nadat het
peil onder de reservehoeveelheid
is gedaald, moet de hoeveelheid
brandstof na het tanken groter
zijn dan de brandstofreserve om
het nieuwe peil te kunnen her-
7
135
z