Onderhoud door eigenaar
Elke aanzienlijk of plotselinge daling van het
vloeistofpeil, of ongelijkmatige bandenslijta-
ge, moet onmiddellijk worden gemeld aan de
erkende MG werkplaats.
Naast het routineonderhoud waarnaar eerder werd
verwezen, moet een aantal eenvoudige controles zelf
worden uitgevoerd. Advies wordt gegeven op de volgende
pagina's.
Dagelijkse controle
• Werking van verlichting, claxon, ruitenwissers, rui-
tensproeiers en waarschuwingslampjes.
• Werking van veiligheidsgordel en remmen.
• Kijk naar vloeistofafzettingen onder de auto die op een
lek kunnen duiden.
• Controleer het uiterlijk van de banden.
Wekelijkse controle
• Koelvloeistofpeilen.
• Remvloeistofpeil.
• Peil ruitensproeiervloeistof
• Kijk of de airco werkt.
Onderhoud
Speciale omstandigheden
Als uw auto vaak in stoffige omgevingen of in extreme
klimaten wordt gebruikt, waar temperaturen onder het
vriespunt of zeer hoge omgevingstemperaturen normaal
zijn, moet er wellicht vaker op onderhoud worden gelet. U
moet speciale onderhoudswerkzaamheden laten verrich-
ten (zie Onderhoudsschema) of contact opnemen met een
erkende MG werkplaats.
Veiligheid in de garage
Nadat de auto is uitgeschakeld, kunnen er
koelventilatoren gaan werken. Dit kan enkele
minuten duren. Blijf uit de buurt van alle ven-
tilatoren terwijl u in het motorcompartiment
voor werkt.
Neem bij onderhoudswerkzaamheden te allen tijde de vol-
gende veiligheidsmaatregelen in acht:
• Als de auto recentelijk heeft gereden, RAAK dan GEEN
componenten van het koelsysteem aan voordat de aan-
drijfmotor volledig is afgekoeld.
• RAAK GEEN elektrische leidingen of componenten
AAN wanneer de START/STOP-schakelaar aan is.
6
269