1
Druk op het knopje (A) op de intelligente sleutel om
het sierkapje uit te werpen.
2
Verwijder de reserve mechanische sleutel (B) in de
richting van de pijl.
3
Steek een geschikt plat gereedschap in de zijkant van
de sleutel (C) te steken, wrik voorzichtig het batteri-
jdeksel los en maak de bovenste en onderste behui-
zing (D) los van elkaar.
4
Neem de batterij uit de sleuf.
5
Leg de nieuwe batterij in de sleuf en zorg dat deze
helemaal in de sleuf zit.
Let op: Zorg dat de polariteit van de batterij cor-
rect is (kant met "+" wijst omlaag).
Let op: We adviseren u een batterij CR2032 te
gebruiken.
6
Breng het kapje weer aan en druk het stevig vast, met
evenveel ruimte rondom.
7
Zet de mechanische sleutel weer in elkaar en sluit het
sierkapje. 8 Start de motor om de sleutel weer met
de auto te synchroniseren.
150
Starten en rijden
• Bij gebruik van een onjuiste of niet geschikte batte-
rij kan de intelligente sleutel beschadigd raken. De
nominale spanning, afmetingen en specificaties van
het nieuwe exemplaar moeten hetzelfde zijn als die
van het oude.
• Bij onjuist aanbrengen van de batterij kan de sleutel
beschadigd raken.
• Voer de gebruikte batterij altijd strikt volgens de
geldende milieubeschermingswetgeving af.
BELANGRIJK