4.9
Vorktanden instellen
WAARSCHUWING!
Gevaar voor ongevallen door niet
vastgezette
vorktanden
Voor het instellen van de vorktanden
controleren of de borgbouten (109) zijn
gemonteerd.
Vorktanden zo instellen, dat beide
vorktanden dezelfde afstand van de
buitenkanten
hebben.
Vergrendelpen in een groef vastklikken
om onbedoelde bewegingen van de
vorktanden te voorkomen.
Het lastzwaartepunt van de last moet in
het midden tussen de vorktanden
liggen.
Vorktanden instellen
Voorwaarden
– Intern transportmiddel veilig neerzetten, zie
"Intern transportmiddel veilig parkeren" op
pagina 95.
Werkwijze
• Vergrendelhendel (121) naar boven zwenken.
• Vorktanden (122) op de vorkdrager (123) in de
juiste stand schuiven.
Z
Vorktanden (122) moeten zo ver mogelijk uit
elkaar en zo centraal mogelijk op de
vorkdrager worden geplaatst, om de last veilig op te nemen. Het lastzwaartepunt
moet in het midden tussen de vorktanden (122) liggen.
• Vergrendelhendel (121) omlaag zwenken en de vorktanden verschuiven, totdat de
vergrendelpen in een gleuf springt.
De vorktanden zijn ingesteld.
106
en
onjuist
ingestelde
van
de
vorkdrager
121
122
123
109