OVERIGE OPNAMEFUNCTIES
OVERIGE OPNAMEFUNCTIES
Dit hoofdstuk beschrijft de andere indrukwekkende
kenmerken en functies die beschikbaar staan voor het
opnemen.
Selecteren van de scherpstelfunctie
U kunt vijf verschillende scherpstelfuncties selecteren: Auto
Focus (autofocus = automatisch scherpstellen), Macro
(groothoek), Infinity (oneindig), Manual (handmatig) en Pan
Focus (panfocus).
BELANGRIJK
• Panfocus kan enkel tijdens de filmfunctie worden
gebruikt. U kunt panfocus tijdens geen enkele
andere functie gebruiken.
1.
Druk [ ] in tijdens de
opnamefunctie (REC).
• Telkens bij indrukken van [ ]
wordt naar de volgende
instelling van de
scherpstelfunctie doorgegaan
in een oneindige lus zoals
hieronder aangegeven.
Om de camera in te stellen om dit te
doen:
Automatisch scherpstellen (Autofocus)
Close-up scherpstelling uitvoeren (Macro)
Stel de brandpuntsafstand vast in
(Pan Focus)
Scherpstellen op oneindig (oneindig)
Met de hand scherpstellen
(handmatig scherpstellen)
* De PF (panfocus) instelling is enkel beschikbaar
tijdens de filmfunctie.
73
[ ]
Scherpstelfunctie indicator
Selecteer deze
instelling:
Geen
PF *
MF