FLUXUS F60*
9.1.1
De buisparameters invoeren
Buisbuitendiameter/buisomtrek
Parameter\Buitendiameter
• Toets de buisbuitendiameter in.
• Druk op ENTER.
Er verschijnt een foutmelding als de ingetoetste parameter buiten het bereik ligt. De
grenswaarde verschijnt in beeld.
Voorbeeld: bovenste grenswaarde 1100 mm voor de aangesloten sensoren en voor een
buiswanddikte van 50 mm.
Buitendiameter
1100.0
MAXIMAL
Het is mogelijk om in plaats van de buisbuitendiameter de buisomtrek in te toetsen (zie
paragraaf 19.1).
Als de invoer van de buisomtrek geactiveerd is en u nul intoetst bij Buitendiameter,
verschijnt het menupunt Leidingomtrek in beeld. Als u de buisomtrek niet wilt intoet-
sen, drukt u op de toets BRK om terug te keren naar het hoofdmenu en start u de para-
meterinvoer opnieuw.
Opmerking!
De buisbinnendiameter (= buisbuitendiameter - 2 × buiswanddikte) wordt intern
berekend.
Als de waarde niet binnen het bereik van de buisbinnendiameter van de aangesloten
sensoren ligt, dan verschijnt er een foutmelding.
U kunt de onderste grenswaarde van de buisbinnendiameter voor een bepaald sen-
sortype veranderen (zie paragraaf 17.10).
Buiswanddikte
Parameter\Wanddikte
• Toets de buiswanddikte in.
• Druk op ENTER.
UMFLUXUS_F60xV5-0-2NL, 2018-07-05
9 Meting
9.1 Parameterinvoer
83