ONDERHOUDSPROCEDURES
Voeg geen additieven aan de aanbevolen motorolie toe. Schade veroorzaakt
door het gebruik van een olie die niet geschikt is voor de motor of door
het toevoegen van een olie-additief, wordt wellicht niet gedekt door de
beperkte garantie van BRP.
Motoroliepeil
OPMERKING
Een te hoog olie-
peil kan ernstige schade aan de
motor aanrichten.
LET OP Veel onderdelen in
het motorcompartiment kunnen
erg heet zijn. Rechtstreeks con-
tact kan tot brandwonden leiden.
Het oliepeil kan zowel worden ge-
controleerd met de waterscooter
in het water als uit het water.
Met de waterscooter uit het
water
OPMERKING
moet horizontaal staan.
LET OP Als de motor draait
terwijl de waterscooter uit het
water is, kan de warmtewisselaar
in de rijplaat erg heet worden.
Vermijd elke aanraking met de
rijplaat om brandwonden te
voorkomen.
1.
Zet de dissel omhoog en
blokkeer deze zodra de bum-
perrail horizontaal staat.
2.
Koppel een tuinslang aan op
de spoelkoppeling van het
uitlaatsysteem. Raadpleeg
UITLAATSYSTEEM in dit
hoofdstuk en volg de procedu-
re.
108
De waterscooter
OPMERKING
-
Laat de motor nooit draaien
zonder het uitlaatsysteem van
water te voorzien. Gebrek aan
koeling kan het uitlaatsysteem
zwaar beschadigen.
-
Laat de motor nooit langer dan
2 minuten draaien. De pakking
van de aandrijflijn wordt niet
gekoeld wanneer de waterscoo-
ter uit het water is.
3.
Verwijder de zittingen.
4.
Start de motor.
5.
Open de waterkraan.
6.
Laat de KOUDE motor
30 seconden stationair
draaien.
7.
Sluit de waterkraan.
8.
Verhoog het motortoerental
gedurende 15 seconden tot
4.000-4.500 omw/min.
9.
Stop de motor abrupt door op
de start/stop-knop van de
motor te drukken of door het
bindsnoer te verwijderen.
10. Wacht minstens 30 seconden
tot de olie zich in de motor
heeft gezet, trek de peilstok
dan uit en veeg hem proper.
TYPISCH
1. Oliepeilstok
2. Olievuldop