03 Instrumenten, schakelaars en bediening
||
matische versnellingsbak - Geartronic*
(p. 271).
Controle- en waarschuwingssymbolen
03
Controle- en waarschuwingssymbolen, analoog
instrument.
Controlesymbolen
Controle- en waarschuwingssymbolen
Waarschuwingssymbolen
Functietest
Alle controle- en waarschuwingssymbolen,
behalve de symbolen in het midden van het
bestuurdersdisplay, gaan branden in sleutel-
stand II of bij het starten van de motor. Alle
symbolen moeten weer uitgaan als de motor
is aangeslagen, behalve het symbool voor de
parkeerrem. Dit gaat pas uit, als de auto van
de parkeerrem wordt gehaald.
Bepaalde motorvarianten hebben geen systeem dat waarschuwt bij het wegvallen van de oliedruk. Bij auto's met dergelijke motorvarianten is het symbool voor een geringe oliedruk niet in
4
gebruik. In plaats daarvan wordt via een displaymelding gewaarschuwd voor een lage oliedruk. Voor meer informatie, zie Motorolie - algemeen (p. 343).
*
66
Optie/accessoire, zie Inleiding voor meer informatie.
Als de motor niet aanslaat of als de functie-
test wordt uitgevoerd in sleutelstand II, gaan
binnen enkele seconden alle symbolen uit,
behalve het symbool voor storingen in de uit-
laatgasreiniging en dat voor een lage oliedruk.
Gerelateerde informatie
•
Instrumentenpaneel (p. 65)
•
Instrumentenpaneel - betekenis controle-
symbolen (p. 70)
•
Instrumentenpaneel - betekenis waar-
schuwingssymbolen (p. 72)
4
Instrumentenpaneel, digitaal -
overzicht
Op het bestuurdersdisplay wordt informatie
weergegeven over bepaalde functies van de
auto en meldingen.
Bestuurdersdisplay
Bestuurdersdisplay, digitaal instrument*.
Op het bestuurdersdisplay verschijnt informa-
tie over bepaalde functies van de auto zoals
de cruisecontrol, boordcomputer en meldin-
gen. De informatie wordt weergegeven in de
vorm van symbolen en tekst. Gedetailleerder
informatie vindt u onder de functies die
gebruik maken van het display.
Meters en wijzers
Voor het digitale instrumentenpaneel zijn ver-
schillende thema's te kiezen. De mogelijke