FUNCTIES VAN INSTRUMENTEN EN BEDIENINGEN
Met de motor uit:
1. Beweeg de zijstandaard omlaag.
2. Controleer of de noodstopschakelaar aanstaat.
1
3. Draai de sleutel naar aan.
4. Schakel de versnellingsbak in de vrijstand.
5. Druk op de startknop.
2
Start de motor?
3
4
Met de motor nog aan:
6. Beweeg de zijstandaard omhoog.
7. Knijp de koppelingshendel in en houd deze vast.
5
8. Schakel de versnellingsbak in een versnellingsstand.
9. Beweeg de zijstandaard omlaag.
Slaat de motor af?
6
7
Als de motor is afgeslagen:
8
10. Beweeg de zijstandaard omhoog.
11. Knijp de koppelingshendel in en houd deze vast.
12. Druk op de startknop.
9
Start de motor?
10
Het systeem is in orde. De motorfiets mag worden gebruikt.
JA
NEE
JA
NEE
JA
NEE
OPMERKING:
Deze controle is vooral betrouwbaar als hij wordt uit-
gevoerd met een warme motor.
De vrijstandschakelaar is mogelijk defect.
De motorfiets mag niet worden gebruikt voordat deze
is nagekeken door een Yamaha dealer.
De sperschakelaar van de zijstandaard is mogelijk defect.
De motorfiets mag niet worden gebruikt voordat deze
is nagekeken door een Yamaha dealer.
De sperschakelaar van de koppelingshendel is mogelijk
defect. De motorfiets mag niet worden gebruikt voor-
dat deze is nagekeken door een Yamaha dealer.
3-20