8.3.2 Startbegrenzing
De startbegrenzing wordt gebruikt om de motor te
beschermen door het aantal starts per uur te beperken of
door een minimale vertraging tussen starts aan te houden.
Beide beveiligingsmethodes kunnen afzonderlijk of
gecombineerd worden gebruikt.
Startbegrenzing [224]
In dit menu wordt de startbegrenzing ingeschakeld door een
juiste alarmmaatregel te selecteren. De beschikbare opties
zijn:
Off
De beveiligingsmethode is uitgeschakeld.
Waarschuwing
Alarmmelding F1 wordt op het display weergegeven en relais
K3 wordt geactiveerd (voor standaardconfiguratie van de
relais). De start wordt echter wel toegestaan.
Uitlopen
Alarmmelding F1 wordt op het display weergegeven en relais
K3 wordt geactiveerd (voor standaardconfiguratie van de
relais). De start wordt niet toegestaan.
Een startbegrenzing wordt automatisch gereset als er een
nieuw startsignaal wordt gegeven. Het startsignaal kan
worden gegeven via het bedienpaneel, extern of via de seriële
communicatie, afhankelijk van de in menu [200]
geselecteerde besturingsbron. Ongeacht de geselecteerde
besturingsbron kunt u altijd resetten via het bedienpaneel.
LET OP: Een reset via het bedienpaneel zal nooit de
motor starten.
2 2 4
o
F
F
Standaard:
oFF
Instelbereik:
oFF, 1, 2
oFF
Startbegrenzing uitgeschakeld.
1
Waarschuwing
2
Uitlopen
Aantal starts per uur [225]
Dit menu is beschikbaar als de startbegrenzing is
ingeschakeld in menu [224]. In dit menu wordt het
toegestane aantal starts per uur geconfigureerd. Als dit aantal
wordt overschreden, treedt er een F11-alarm op en wordt de
in menu [224] geselecteerde maatregel uitgevoerd. Het
alarm blijft actief totdat het uur is verstreken en een nieuwe
start kan worden toegestaan.
50
Functiebeschrijving
Setting
Startbegrenzing (alarmcode
F11)
2 2 5
F
o
F
Standaard:
oFF
Instelbereik:
oFF, 1-99
oFF
Beveiliging starts per uur is uitgeschakeld
1-99
Aantal starts per uur.
Min. tijd tussen starts [226]
Dit menu is beschikbaar als de startbegrenzing is
ingeschakeld in menu [224]. In dit menu kan een minimale
tijd tussen opeenvolgende starts worden geconfigureerd. Als
er wordt geprobeerd te starten voordat de geconfigureerde
minimale tijd is verstreken, treedt er een F11-alarm op en
wordt de in menu [224] geselecteerde maatregel uitgevoerd.
Het alarm blijft actief totdat de geselecteerde minimale tijd
is verstreken en een nieuwe start kan worden toegestaan.
2 2 6
o
F F
Standaard:
oFF
Instelbereik:
oFF, 1-60 min
Beveiliging min. tijd tussen starts is uitge-
oFF
schakeld.
1-60
Min. tijd tussen starts.
Tijd tot volgende toegestane start [227]
Dit menu is beschikbaar als startbegrenzing is ingeschakeld
in menu [224] en minimaal één van de hierboven
beschreven beveiligingsmethodes is geconfigureerd (aantal
starts per uur of minimale tijd tussen starts). In dit menu
wordt de resterende tijd tot de volgende toegestane start
weergegeven. Als beide genoemde beveiligingsmethodes zijn
geactiveerd, is de weergegeven tijd de totale vertragingstijd
tot aan de volgende start die wordt toegestaan door beide
methodes.
2 2 7
0
Instelbereik:
0- 60 min
CG Drives & Automation 01-5924-03r1
Setting
Aantal starts per uur
Setting
Min. tijd tussen starts
Uitlezing
Tijd tot volgende toegestane
start