Hoofdstuk 1 Kopiëren
1
Overzicht van kopieerbewerkingen
In dit hoofdstuk worden de
basiskopieerhandelingen beschreven.
Procedure
1
Plaats het origineel.
Voor meer informatie over de soorten originelen die
kunnen worden gebruikt, raadpleegt u "Originelen"
(p.24).
In de ADF
1)
Plaats het origineel in de ADF.
Lijn de originelen uit en plaats ze met de
bedrukte zijde boven.
2)
Verschuif de originelendoorvoer
zodat die overeenstemt met de
originelen.
54
Kopiëren
Op de glasplaat
1)
Open de originelenklep.
2)
Plaats het origineel.
Plaats het origineel met de bedrukte zijde onder
op het glas. Lijn de hoek van het origineel uit
met de linker bovenhoek van het glas.
3)
Sluit de originelenklep.
^
^
•
Open en sluit de originelenklep
zachtjes.
2
Tik op [Kopie] op het [Thuis]-
scherm.
3
Wijzig de instellingen.
Specificeer de kopieerinstellingen.
Voor meer informatie over de functies die kunnen
worden geconfigureerd raadpleegt u "Lijst met
instellingen" (p.57).
ComColor FT serie Gebruikershandleiding