Onderhoud
9.3 Reparatie
3. Documenteer de positie van eventueel te verwijderen vermogensplaatjes en overige
plaatjes.
4. Voorkom schade aan de centreerranden.
9.3.7
Beschermdak, draai-impulsgever onder beschermdak monteren
Bevestigingsschroeven door de boorgaten in de buitenkant van het beschermdak steken en
met draaimoment 3 Nm ± 10 % aantrekken.
9.3.8
Remaanbouw (optioneel)
Tabel 9-6
De aandraaimomenten voor de elektrische aansluitingen van het klemmenbord en de aarding
vindt u in de tabel (Pagina 143) onder geval A.
● Breng alle (extra) typeplaatjes op hun oorspronkelijke positie aan.
● Elektrische leidingen indien nodig vastzetten.
● Controleer alle aandraaimomenten, ook van de niet losgemaakte bouten.
Afdichtingsmaatregelen
1. Breng het vloeibare afdichtmiddel (bijv. Fluid-D, Hylomar) op de centreerrand aan.
2. Afdichtingen van aansluitkasten controleren en waar nodig vervangen.
3. Beschadigingen aan de lak en ook aan bouten herstellen.
4. Benodigde maatregelen voor aanhouden van de veiligheidsklasse in acht nemen.
5. Schuimstofafdekking in leiding niet vergeten. Gaten helemaal afsluiten en aanliggen van
leidingen tegen scherpe randen vermijden.
9.3.9
Wentellager
De lagers tegen indringend vuil en vocht beschermen.
112
Toewijzing van de remmen aan de bouwgroottes
Bouwgrootte
400
450
Remtype
NFA 250/400
NFA 400/630
Omvang van de
remmen
250/400
400/630
1LE5 AH 400/450
Bedieningshandleiding, 10/2018