Item
Uitvoer
Snelbestand
*1 Als een zadelsteek afwerkingseenheid of afwerkingeenheid is geïnstalleerd.
*2 Wanneer een finisher (grote stapeleenheid) is geïnstalleerd.
*3 Deze instelling wordt gebruikt om de lijnbreedte van de vectorgrafieken aan te passen. Uitgezonderd voor CAD en
andere speciale gebruikssituaties is het normaal niet nodig deze instelling te wijzigen. Wanneer "0" wordt
geselecteerd, worden alle lijnen met een dikte van 1 dot afgedrukt.
*4 Papierformaten die kunnen worden gebruikt met deze functie zijn A3, B4, A4, 11" x 17", 8-1/2" x 14", en 8-1/2" x 11".
(Deze functie kan bij sommige afdrukmethodes niet werken.)
*5 Ze werken allen bij het afdrukken van PDF, JPEG en TIFF bestanden.
PCL-instellingen
Dit wordt gebruikt om symbolensets, lettertypes en regeleindecode, gebruikt in een PCL-omgeving, in te stellen.
Instellingen
Item
PCL-symbolenset instel.
PCL-lettertypen instellen
PCL-regeleindecode
Wide A4
•
(Afdrukken per eenheid gebruiken)
•
(Afdrukken per eenheid niet gebruiken)
• Nietpositie*1: Geen, 1 nietje aan achterzijde, 2 nietjes, 2 nietjes (Boven)
•
(Perforatie niet gebruiken)
•
(Perforatie gebruiken)
•
(Uitgeschakeld)
•
(Geactiveerd)
Beschrijving
Geef de symbolenset op die wordt
gebruikt voor het afdrukken.
Gebruik dit om het lettertype te
selecteren dat wordt gebruikt voor
afdrukken.
Deze instelling wordt gebruikt om
te selecteren hoe de printer
reageert wanneer een
regeleindeopdracht wordt
ontvangen.
Als dit wordt geactiveerd, kunnen
er 80 tekens per regel worden
afgedrukt op A4 papier met een
lettertype van 10-pitch. (Als deze
instelling wordt uitgeschakeld
kunnen er max. 78 tekens per
regel worden afgedrukt.)
7-22
SYSTEEMINSTELLINGEN
Selecties
Selecties
Selecteer uit 35 items.
• Intern lettertype
• Extern lettertype
(Lijst van interne lettertypes als uitgebreide
lettertypes niet zijn geïnstalleerd.)
• 0.CR=CR; LF=LF; FF=FF
• 1.CR=CR+LF; LF=LF;FF=FF
• 2.CR=CR; LF=CR+LF; FF=CR+FF
• 3.CR=CR+LF; LF=CR+LF; FF=CR+FF
•
(Geactiveerd)
•
(Uitgeschakeld)
Inhoudsopgave