2. Papier plaatsen
2.
Druk op [ ] of [ ] om [Systeeminstellingen] te selecteren en druk vervolgens op de
[OK]-knop.
Om het formaat op te geven van het papier in de handinvoer, selecteert u [Kopieereig.] en drukt u
vervolgens op de [OK]-knop.
3.
Druk op [ ] of [ ] om [Pap.instell. lade 1] te selecteren en druk vervolgens op de [OK]-
knop.
Om het formaat op te geven van het papier in de handinvoer, selecteert u [Pap.instell. handinv] en
drukt u vervolgens op de [OK]-knop.
4.
Druk op [ ] of [ ] om [Papierformaat] te selecteren en druk vervolgens op de [OK]-
knop.
5.
Druk op [ ] of [ ] om [Ang.fr] te selecteren en druk vervolgens op de [OK]-knop.
6.
Druk op [ ] of [ ] om [mm] of [inch] te selecteren en druk vervolgens op de [OK]-knop.
7.
Druk op [ ] of [ ] om de breedte op te geven en druk vervolgens op de [OK]-knop.
8.
Druk op [ ] of [ ] om de lengte op te geven en druk vervolgens op de [OK]-knop.
9.
Druk op de [OK]-knop.
10.
Druk op de knop [User Tools] om terug te keren naar het beginscherm.
De papiersoort en het papierformaat opgeven met Smart Organizing Monitor
De procedure in dit onderdeel is een voorbeeld en is gebaseerd op Windows 7. De werkelijke
procedure kan afwijken afhankelijk van het door u gebruikte besturingssysteem.
De papiersoort en het papierformaat opgeven
1.
Klik in het [Start]-menu op [Alle programma's].
2.
Klik op [Smart Organizing Monitor for SP xxx Series].
3.
Klik op [Smart Organizing Monitor for SP xxx Series Status].
4.
Als het apparaat dat u gebruikt, niet is geselecteerd, klik dan op [Apparaat select...] en
selecteer vervolgens het apparaatmodel.
5.
Klik op [OK].
6.
Klik op [Wijzigen...] op het tabblad [Status].
7.
Selecteer de papiersoort en het papierformaat en klik op [OK].
8.
Klik op [Afsl.].
46