Waarborgen van de functionele veiligheid
4.8 Service en onderhoud
4.8.7
Frictievoering controleren en rotor vervangen
Onbedoeld starten van het aandrijfaggregaat
Schakel het aandrijfaggregaat spanningsloos.
De rem moet zonder draaimoment zijn.
Aandrijfaggregaat tegen onopzettelijke opstart beveiligen.
Waarschuwingsbord op het inschakelpunt aanbrengen.
Een verminderde remwerking als gevolg van verontreiniging
Vermijd contact van de frictievlakken met olie of vet.
Opmerking
Frictievoering met regelmatige intervals reactiveren
Als de rem als zuivere blokkeerrem zonder dynamische belasting wordt gebruikt, de
frictievoering met regelmatige intervals reactiveren. U kunt de remvoering reactiveren met
meermaals herhalen door het toepassen van frictiewerk, bijv. door remmingen vanuit matige
beweging of langzame rit.
Procedure
Dikte frictievoering (Rotor) controleren
1. Verwijder de ventilatorkap.
Bij combinatie met handmatige ventilatie:
Schroef de handmatige ventilatiehendel uit.
Bij externe ventilator:
Verwijder de ventilatorkap met de externe ventilator.
2. Maak de aansluitkabels los.
3. Verwijder de ventilatorborgring en trek de ventilator los.
4. Draai de rembouten gelijkmatig los en draai de bouten vervolgens volledig naar buiten.
Verwijder het magneetdeel.
5. Trek de rotor van de naaf.
6. Let op mogelijke beschadigingen zoals uitbrekingen in de frictievoering of versleten
vertanding.
7. Meet de rotordikte met een schuifmaat op 3 verschillende punten van de rotoromvang.
8. Vergelijk de gemeten rotordikte met de minimaal toegelaten rotordikte. Als de gemeten
rotordikte te klein is, moet de rotor volledig worden vervangen. De waarden vindt u in de
tabel in hoofdstuk Luchtspleet bijstellen (Pagina 42).
44
WAARSCHUWING
WAARSCHUWING
Bedieningshandleiding, 01/2024, A5E53509515A/RS-AA
SIMOGEAR Veilige rem