Pulslassen
Toepassingsmo-
Pulslassen is lassen met pulserende lasstroom. Het wordt toegepast bij het positielassen
gelijkheden
van stalen buizen en bij het lassen van dunne platen.
Bij deze toepassingen is de lasstroom die aan het begin van het lassen is ingesteld, niet
altijd tot nut voor de volledige lasprocedure:
-
-
Werkingsprincipe
-
-
-
De stroombron regelt de parameters Duty cycle dcY en grondstroom I-G overeenkomstig
de ingestelde pulsstroom (lasstroom) en de ingestelde pulsfrequentie.
I-P
Verloop van de lasstroom
Instelbare parameters:
I-S
I-E
F-P
I-P
Niet-instelbare parameters:
t
up
t
down
dcY
I-G
bij een te lage stroomsterkte wordt het materiaal niet genoeg versmolten,
bij oververhitting bestaat het gevaar dat het vloeibare smeltbad druppelt.
Een lagere grondstroom I-G stijgt na een grote stijging tot de duidelijk hogere puls-
stroom I-P en daalt na de tijd Duty cycle dcY weer naar de grondstroom I-G.
Hieruit ontstaat een stroom van gemiddelde waarde die lager is dan de ingestelde
pulsstroom I-P.
Bij het pulslassen worden kleine delen van de lasplek snel versmolten. Deze plek-
ken stollen ook snel weer.
I
I-S
I-G
t
up
Startstroom
Eindstroom
Pulsfrequentie (1/F-P = tijdsperiode tussen twee impulsen)
Pulsstroom (de ingestelde lasstroom)
UpSlope
Downslope
Duty cycle
Grondstroom
1/F-P
dcY
I-E
t
t
down
81