4. Selecteer Standard Accounting.
5.
U kunt gebruikers aan de accountinglijst toevoegen door te klikken
op de knop Add. Geef de gebruikers-id en het wachtwoord van een
gebruiker op en wijs het maximaal aantal taken aan de gebruiker toe.
6. Klik op de knop Apply.
Log
OPTIE
Taaklog
U kunt het taaklog in- of uitschakelen waarin de
resultaten van de taakverwerking worden vastgelegd.
U kunt deze gegevens afdrukken via Machine Setup >
Beheerinstelling > tabblad Afdrukken/Rapport >
Taaklograpport.
Bedieningslog
U kunt het bedieningslog in- of uitschakelen waarin
diverse bewerkingen worden vastgelegd, zoals het
formatteren van het systeem, het maken van
documentvakken, het verwijderen van bestanden,
enzovoort. U kunt deze gegevens afdrukken via
Machine Setup > Beheerinstelling > tabblad
Afdrukken/Rapport > Bedieningslograpport.
Beveiligings-
U kunt het beveiligingsgebeurtenislograpport in- of
uitschakelen waarin gebeurtenissen worden vastgelegd
gebeurtenislog
die verband houden met de gebruikersverificatie,
software-upgrades, het toegangslog, de export of
import van gegevens, enzovoort. U kunt deze
gegevens afdrukken via Machine Setup >
Beheerinstelling > tabblad Afdrukken/Rapport >
Beveiligingsgebeurtenislograpport.
Wachtwoord van beheerder wijzigen
U kunt het wachtwoord wijzigen voor de verificatie van Beheerinstelling.
Informatie verbergen
OPTIE
OPTIE
Instelling van
Alle informatie
weergeven
verbergings-
niveau
Alleen niet-
beveiligde info
weerg.
Alleen eigen
informatie
weergeven
86 _De status van het apparaat en geavanceerde instellingen
OMSCHRIJVING
OMSCHRIJVING
Alle gebruikers mogen alle informatie
bij Taakstatus weergeven.
Alle gebruikers mogen alleen niet-
beveiligde informatie bij Taakstatus
weergeven. Alleen de eigenaar mag
beveiligde informatie weergeven die
afkomstig is uit een beveiligde lijst
met ontvangen faxen of een
beveiligde lijst met afdrukken.
Alleen de eigenaar mag alle
informatie bij Taakstatus
weergeven.
OPTIE
OPTIE
nstelling van
Aantal tekens
van informatie
verbergings-
methode
Vaste aantallen
behalve eerste
teken
Vaste aantallen
Optionele service
Als u de optionele functies voor dit apparaat wilt toevoegen, moet u de
optionele kit installeren en het apparaat vervolgens zodanig instellen dat
deze functies worden ingeschakeld en geactiveerd. Voer de volgende
stappen uit om deze functies in te schakelen.
1. Druk op Machine Setup op het bedieningspaneel.
2. Druk op Beheerinstelling. Wanneer het aanmeldingsbericht verschijnt,
voert u het wachtwoord in en drukt u op OK.
3. Druk op het tabblad Instelling > Optionele service.
OPTIE
Kopie
Schakelt het menu Kopie op het hoofdscherm in
of uit.
Analoge fax
Nadat u de faxkit hebt geïnstalleerd, selecteert
u de optie Inschakelen om het apparaat te
gebruiken als faxapparaat.
Scan nr e-mail
Schakelt het menu Scan nr e-mail op het
scanscherm in of uit.
NetScan
Kies Inschakelen om het scannen en verzenden
via een netwerk te activeren.
Scan naar SMB
Schakelt de optie Scan naar SMB op het
scanscherm in of uit.
Scan naar FTP
Schakelt de optie Scan naar FTP op het
scanscherm in of uit.
OMSCHRIJVING
In plaats van de naam van de taak
en de naam van de eigenaar wordt
bij Taakstatus een reeks sterretjes
(*) weergegeven.
In plaats van de naam van de taak
en de naam van de eigenaar wordt
bij Taakstatus evenzovele sterretjes
(*) min het eerste teken
weergegeven.
In plaats van de naam van de taak
en de naam van de eigenaar worden
bij Taakstatus evenzovele sterretjes
(*) weergegeven.
OMSCHRIJVING