Bestuurdershulp
De afstandswaarschuwing achteruit
waarschuwt de bestuurder als er een
obstakel wordt gedetecteerd terwijl de
auto traag achteruitrijdt
Detectiesensor
[2] : Ultrasoonsensoren achter
Zie bovenstaande afbeelding voor de
precieze locatie van de detectiesensoren.
7-136
Instellingen
Afstandswaarschuwing
achteruit
Waarschuwingsvolume
Zorg dat de motor is ingeschakeld
ONX4E070060
Warning Volume' ('Bestuurdershulp
menu Settings (instellingen) op het
dashboard of het infotainmentsysteem
om het waarschuwingsvolume voor
de afstandswaarschuwing achteruit te
wijzigen naar 'High', 'Medium', 'Low' of
'Off' ('Hoog', 'Gemiddeld', 'Laag' of 'Uit')
(indien van toepassing).
Zelfs als 'Off' (uit) wordt geselecteerd,
wordt het waarschuwingsvolume van de
Afstandswaarschuwing achteruit echter
niet helemaal uitgeschakeld, maar klinkt
het volume zoals bij de instelling 'Low'
(Laag).
Als u het waarschuwingsvolume wijzigt,
kan dat ook het waarschuwingsvolume
voor andere bestuurdershulpsystemen
wijzigen.
Informatie
ONX4EPH071003L