Als u de instellingen van het toestel wilt
wijzigen (bijv. temperatuur instellen),
^ raakt u de sensortoets voor de
toestelzone aan waarvoor u de instel-
lingen wilt wijzigen.
De aangeraakte sensortoets licht geel
op. Afhankelijk van de geselecteerde
toestelzone kunt u nu een aantal sen-
sortoetsen op het bedieningspaneel
aanraken.
Afhankelijk van de geselecteerde
toestelzone kunt u nu
– de temperatuur instellen,
– de functie "Super koelen" selecteren
of
– de luchtvochtigheid in de
MasterFresh-laden instellen.
Meer informatie vindt u in de desbetref-
fende rubrieken.
Toestel in- en uitschakelen
Als u een toestelzone wilt deselecteren,
^ raakt u opnieuw de sensortoets voor
de geselecteerde toestelzone aan,
zodat deze wit oplicht. U kunt ook di-
rect een andere sensortoets aanra-
ken.
Als u naar de normale modus wilt gaan,
^ raakt u de thermometertoets aan, zo-
dat deze wit oplicht.
De nieuwe instellingen worden opge-
slagen.
Ook als u de thermometertoets niet
aanraakt, schakelt de elektronische be-
sturing na enige tijd over naar de nor-
male modus.
Toestel uitschakelen
^ Druk op de tuimelschakelaar.
De koeling en de binnenverlichting wor-
den uitgeschakeld.
19