3
Bediening
Bedieningsknoppen op voorpaneel
Verlichtings- en
vezelpoorten
(zie Let op
hieronder)
LET OP:
Wanneer geen afgifteapparaat is aangesloten op het systeem, zorgt u dat de verlichtings- en
vezelpoorten gesloten zijn.
De laser in- en uitschakelen
•
Om de laser in te schakelen, draait u de sleutel tot in de Aan-stand.
•
Om de laser uit te schakelen, draait u de sleutel tot in de Uit-stand. Verwijder de sleutel en bewaar hem om
ongeoorloofd gebruik te voorkomen.
OPMERKING: De sleutel kan alleen in de Uit-stand worden verwijderd.
•
Druk in een noodgeval op de rode
lasercircuits uitgeschakeld.
66294-NL Rev D
• 3- 13
knop. Hierdoor worden de console en alle
NOODSTOP
Aanraakscherm
Knop Treat/Standby
(Behandelen/Standby)
Regelknoppen (3)
Sleutel-
Nood-
schakelaar
stopknop
Bediening
13