Pagina 1
Handleiding voor installatie, gebruik en onderhoud Gasventilatorbranders Tweetrapswerking progressief of modulerend CODE MODEL TYPE 3910710 RS 25/E BLU 878 T 3910711 RS 25/E BLU 878 T 3910810 RS 35/E BLU 879 T 3910811 RS 35/E BLU 879 T 20073567 (7) - 11/2022...
Pagina 2
Vertaling van de originele instructies...
Inhoud Verklaringen....................................3 Algemene informatie en waarschuwingen..........................4 Informatie over de handleiding ............................ 4 1.1.1 Inleiding ..................................4 1.1.2 Algemeen gevaar ................................ 4 1.1.3 Andere symbolen ................................ 4 1.1.4 Levering van de inrichting en van de handleiding ....................... 5 Waarborg en aansprakelijkheid........................... 5 Veiligheid en preventie ................................
Pagina 4
Inhoud 5.4.3 Minimumvermogen ..............................31 Uiteindelijke afstelling van de drukschakelaars ......................32 5.5.1 Drukschakelaar lucht ..............................32 5.5.2 Minimumgasdrukschakelaar ............................32 5.5.3 Drukschakelaar kit PVP .............................32 Modaliteit van weergave en programmering ......................33 5.6.1 Modus Normal................................33 5.6.2 Modus Info .................................34 5.6.3 Modus Service ................................34 5.6.4 Modus Parameters..............................35 Wijzigingsprocedure van een parameter ........................36 Startprocedure ................................38...
CO max: 1 mg/kWh NOx max: 72 mg/kWh NOx max: 56 mg/kWh Verklaring van de fabrikant RIELLO S.p.A. verklaart dat de volgende producten de NOx-limietwaarden in acht nemen die vereist worden door het Duitse normenstelsel “1. BlmSchV revisie 26.01.2010”. Product Type...
Algemene informatie en waarschuwingen Algemene informatie en waarschuwingen Informatie over de handleiding 1.1.1 Inleiding OPGELET ORGANEN IN BEWEGING De handleiding die samen met de brander geleverd wordt: Dit symbool geeft aanduidingen om te voorkomen is een wezenlijk en essentieel onderdeel van het product en dat ledematen mechanische organen in beweging moet er altijd bij blijven;...
Algemene informatie en waarschuwingen 1.1.4 Levering van de inrichting en van de De leverancier van de inrichting licht de gebruiker zorgvuldig in over het volgende: handleiding – het gebruik van de inrichting, Wanneer de inrichting geleverd wordt, is het volgende nodig: –...
Veiligheid en preventie Veiligheid en preventie Voorwoord De branders werden ontworpen en gebouwd conform de van het type en de druk van de brandstof, de spanning en de kracht zijnde normen en richtlijnen, waarbij de gekende frequentie van de stroomtoevoer, de minimum en maximum technische veiligheidsregels toegepast en alle potentiële debieten waarop de brander geregeld is, de drukregeling van de gevaarlijke situaties voorzien werden.
20 °C, een luchtdruk minimum limiet van het diagram: van 1013 mbar (ongeveer 0 m boven de RS 25/E BLU = 45 kW zeespiegel) en met de branderkop afgesteld zoals LET OP RS 35/E BLU = 72 kW aangegeven op pag.
Technische beschrijving van de brander 3.7.1 Werkingsveld in functie van de dichtheid van Als H3 groter is dan H1)(Afb. 3) kan de brander het gevraagde vermogen leveren. de lucht Als H3 kleiner is dan H1, dan moet het vermogen van de brander Het werkingsveld van de brander dat in de handleiding staat is gereduceerd worden.
Technische beschrijving van de brander Proefketel De werkingsvelden zijn het resultaat van testen met speciale De combinatie wordt gegarandeerd wanneer de ketel een EG- proefketels, volgens norm EN 676. homologatie heeft; voor ketels of ovens met verbrandingskamers waarvan de afmetingen sterk verschillen van diegenen die Afb.
Technische beschrijving van de brander 3.10 Beschrijving van de brander 20052390 Afb. 5 Branderkop 21 Luchtdrukafnamepunt Ontstekingselektrode 22 Sonde controle aanwezigheid vlam Regelschroef verbrandingskop 23 Luchtklep 24 Luchttoevoer van de ventilator Servomotor gas 25 Schroeven voor bevestiging ventilator aan de mof Stekker m/v op kabel van de ionisatiesonde 26 Gastoevoerleiding Relais motor en thermisch relais met ontgrendelingsknop...
LET OP De controledoos is een veiligheidssysteem! Maak hem niet open, breng geen wijzigingen aan en forceer de werking ervan niet. Riello S.p.A. is niet aansprakelijk voor eventuele schade veroorzaakt door niet-geautoriseerde werkzaamheden! Risico op ontploffing! Een foute configuratie kan overvoeding van...
Pagina 16
Technische beschrijving van de brander Elektrische aansluiting van de vlamdetectoren elektrische schokken; deze moet beschermd worden tegen toevallige aanraking. Het is belangrijk dat de transmissie van de signalen zo goed De aarding van de brander moet voorzien zijn volgens de als vrij van storingen en verlies is: geldende normen;...
Pagina 17
Technische beschrijving van de brander Kabellengte – Hoofdlijn AC 230 V Max. 100 m (100 pF / m) – Display, BCI Voor de installatie onder de kap van de brander of het controlepaneel max. 3 m (100 pF / m) –...
Technische beschrijving van de brander 3.12 Werkingsvolgorde van de brander Controle TSA1 Nummer fase Timer - Resolutie - Verhouding 0.6s Timer 1 (parameters) Timer 2 (parameters) Timer 3 = max. tijd fase Stekker RAST Ingaande signalen Nummer PIN Thermostaat/drukschakelaar X3-04 Pin 1/2 van de veiligheid TS Thermostaat/drukschakelaar X5-03 Pin 1/4...
Technische beschrijving van de brander 3.12.1 Lijst van de fasen Fase Beschrijving Fase Beschrijving Ph44 t44 = tijd interval 1 Ph00 Fase van vergrendeling Ph60 Werking Ph02 Fase van veiligheid Ph62 De brander bereikt de positie van de uitschakeling Ph10 Sluiting in pauze Ph70 t13 = tijd van naverbranding...
Technische beschrijving van de brander 3.13.2 Beschrijving knoppen Knop Knop Functie Voor de regeling van de servomotor van de brandstof Knop F ingedrukt houden en de waarde regelen door op te drukken) Voor de regeling van de servomotor van de lucht Knop A ingedrukt houden en de waarde regelen door op te drukken)
Technische beschrijving van de brander 3.14 Servomotor (SQN13...) Voorword De servomotoren waarmee de branders van de serie RS uitgerust zijn, handelen rechtstreeks op de luchtklep en op de gassmoorklep, zonder mechanisme hendels, maar langs de tussenkomst van een elastische koppeling. Ze worden bediend door de controledoos, die hun positie constant controleert door middel van een terugloopsignaal van de optische sensor in de servomotor.
Installatie Installatie Aantekeningen over de veiligheid bij de installatie Maak eerst de ruimte rond de zone waar de brander geïnstalleerd De installatie van de brander moet uitgevoerd wordt zorgvuldig schoon, zorg voor een correcte verlichting van worden door bevoegd personeel volgens de uitleg de omgeving en voer dan de installatiewerkzaamheden uit.
Lang (mm) D455 RS 25-35/E BLU Afb. 14 Voor de ketel met rookcyclus vooraan 13)(Afb. 17) moet een RS 25/E BLU hittebestendige bescherming 11) aangebracht worden tussen de hittebestendige bescherming van de ketel 12) en de monding RS 35/E BLU 10).
Installatie Stand sonde-elektrode Alvorens de brander op de ketel te bevestigen controleer, door de opening van de monding, of de sonde en de ontstekingselektrode wel in de juiste stand staan zoals in Afb. 16. LET OP Indien tijdens de vorige controle bleek dat de positionering van de sonde of van de elektrode niet correct was, moet het volgende uitgevoerd worden: ...
Installatie Bevestiging van de brander op de ketel koppel de sonde- en elektrodekabels los en haal de brander helemaal van de geleiders 5). Voorzie een geschikt systeem om de brander te Bevestig de flens 9) op de plaat van de ketel nadat de heffen.
Installatie Afstelling van de lucht Draai de schroef 4)(Afb. 19) tot het gevonden merkteken samenvalt met het voorste vlak 5) van de flens. Los, om de regeling te vergemakkelijken, de schroef 6)(Afb. 19), regel en zet dan vast. LET OP Voorbeeld: RS 35/E BLU, vermogen brander = 270 kW.
Installatie 4.10 Gastoevoer Risico op explosie te wijten aan brandstoflekken in aanwezigheid van een ontvlambare bron. Voorzorgsmaatregelen: voorkom stoten, wrijvingen, vonken, warmte. Controleer of het afsluitkraantje van de brandstof gesloten is alvorens werkzaamheden op de brander uit te voeren. De installatie van de toevoerleiding van de brandstof moet uitgevoerd worden door bevoegd personeel, volgens de uitleg in deze handleiding en conform de van kracht zijnde normen en...
Installatie 4.10.2 Gasstraat 4.10.4 Gasdruk Gehomologeerd volgens de norm EN 676, en wordt afzonderlijk Tab. K duidt het vermogensverlies van de verbrandingskop en geleverd. van de gassmoorklep aan in functie van het werkingsvermogen van de brander. 4.10.3 Installatie gasstraat 1 p (mbar) 2 ...
Pagina 29
Installatie Kolom 1 Drukverlies branderkop. Gasdruk gemeten op afnamepunt 1)(Afb. 27), met: • verbrandingskamer op 0 mbar • brander die aan het maximumvermogen werkt Kolom 2 Drukverlies gassmoorklep 2)(Afb. 27) met maximumopening: 90°. Om het ruw geschatte vermogen van de werking van de brander te kennen: S8738 –...
Installatie 4.11 Elektrische aansluitingen Aantekeningen over de veiligheid voor de elektriciteitsaansluitingen De elektriciteitsaansluitingen moeten worden uitgevoerd als er geen elektrische voeding is. De elektriciteitsaansluitingen moeten uitgevoerd worden volgens de normen die van kracht zijn in het land van bestemming, door gekwalificeerd personeel.
Installatie 4.11.1 Passage voedingskabels en externe aansluitingen Alle kabels die moeten aangesloten worden op de brander (Afb. 28) moeten verbonden worden met de daarvoor bestemde stopcontacten op de zijkant van de brander (voor de aansluitingen moeten de bijgeleverde stekkers gebruikt worden). De kabelkanalen kunnen op verschillende manieren gebruikt worden;...
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Aantekeningen over de veiligheid bij de eerste inbedrijfstelling De eerste inbedrijfstelling van de brander moet Voor de opening van de brander wordt uitgevoerd worden door bevoegd personeel verwezen naar de paragraaf “Veiligheidstest - volgens de uitleg in deze handleiding en conform met gesloten gastoevoer”...
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Start van de brander brander onder stroom door middel stroomonderbreker op het schakelbord van de ketel. Sluit de thermostaten/drukschakelaars en plaats de schakelaar van Afb. 31 op positie “1”. Controleer lampjes testers aangesloten op de elektromagnetische kleppen, of de controlelampjes op de elektromagnetische kleppen zelf afwezigheid van spanning aangeven.
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Uiteindelijke afstelling van de drukschakelaars 5.5.1 Drukschakelaar lucht Voer de regeling van de luchtdrukschakelaar (Afb. 32) uit nadat alle andere branderafstellingen werden uitgevoerd, met de luchtdrukschakelaar afgesteld op het begin van de schaal. Breng een verbrandingsanalysetoestel aan in het rookkanaal wanneer de brander aan het minimumvermogen brandt, en sluit langzaam de aanzuigopening van de ventilator (bijvoorbeeld met...
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Modaliteit van weergave en programmering 5.6.1 Modus Normal De Modus 'Normal' is de standaard werkingsmodaliteit die wordt weergegeven op de display van het bedieningspaneel, en vertegenwoordigt het hoofdniveau van het menu. Weergave van de werkingscondities en voor de manuele min s wijziging van het werkingspunt van de brander.
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Druk 1s op de toets “ i/reset ” om te ontgrendelen: op de display verschijnt “rESEt” . Als de toets wordt losgelaten, verdwijnt de melding van de vergrendeling en gaat de rode controlelamp uit. De controledoos is ontgrendeld.
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander 5.6.4 Modus Parameters De lijst van parameters die kunnen weergegeven worden (in de sequentie waarmee ze worden weergegeven) wordt aangeduid In de Modus Parameters ( PArA ) kan de lijst parameters in Tab. M. weergegeven en gewijzigd/geprogrammeerd worden die worden aangeduid op pag.
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Nadat de toegangsprocedure werd uitgevoerd, verschijnt op de 200: ParA Controles van de brander display enkele seconden “PArA” . Type van werking, type van ingreep en veiligheid van de verschillende fasen. 400: Set Modulatiecurve lucht/brandstof Instelling van de regelpunten van lucht/brandstof 500: ParA...
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Gebruik de toetsen “+” en “-” om het gewenste punt van de Selecteer een ander punt, of druk tegelijkertijd op de toetsen “+” curve in te voeren / te selecteren, en wacht tot het punt knippert: en “-”...
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Startprocedure Controleer dat de display van het bedieningspaneel het verzoek In het omgekeerde geval moet het ontstekingspunt gewijzigd om warmte en “OFF Upr” weergeeft: dit betekent dat de worden. Raadpleeg de paragraaf Procedure van de invoer en de modulatiecurve van de brander moet ingesteld worden.
“ P0 ” en “ P1 ” automatisch instellen in de punten van “ P2 ” tot “ P8 ”. Brander Punt van de curve Het doel is het bereiken van punt “ P9 ” om het RS 25/E BLU RS 35/E BLU maximum werkingsvermogen te regelen/bepalen. lucht 16°...
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Procedure van Backup / Restore Nadat de "Startprocedure" is uitgevoerd, moet een backup Er wordt aanbevolen om deze handeling na elke uitgevoerd worden door een kopie te creëren van de gegevens ingreep uit te voeren die wijzigingen inhoudt van die zijn gememoriseerd op REC, in het paneel van de display RDI de instellingen op de nok.
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander OPMERKING: Er wordt aanbevolen om de backup uit te Als zich tijdens het backup proces een fout zou voordoen, voeren elke keer een parameter wordt geeft de display een negatieve waarde weer. gewijzigd, nadat werd gecontroleerd dat de Om de oorzaak van de fout te bepalen, wordt verwezen naar uitgevoerde wijziging correct is.
Pagina 44
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Op de display verschijnt de waarde 1 : h min s Na ongeveer 8 seconden (afhankelijk van de duur van het programma) verschijnt de waarde 0 op de display, wat aanduidt dat het restore proces correct werd gecompleteerd. h min s OPMERKING: Wanneer het restore proces succesvol gecompleteerd zal...
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander 5.9.3 Lijst parameters Parameter Aant. Interval waarden Meeteenh Precisiegra Default Modaliteit elemente Wijziging instelling toegang Beschrijving Min. Max. INTERNE PARAMETERS Start procedure backup/restore met RDI21... / PC TOOL (parameter instellen op 1) Index 0 = backup creëren Wijziging 0;...
Pagina 46
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Parameter Aant. Interval waarden Meeteenh Precisiegra Default Modaliteit elemente Wijziging instelling toegang Beschrijving Min. Max. Perifeeradres voor Modbus Ingestelde waarden: Wijziging Modus Service 1 ... 247 Baud Rate voor Modbus Ingestelde waarden: Wijziging Modus Service 0 = 9600 1 = 19200...
Pagina 47
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Parameter Aant. Interval waarden Meeteenh Precisiegra Default Modaliteit elemente Wijziging instelling toegang Beschrijving Min. Max. Maximum herhalingen van het veiligheidscircuit 1 = Geen herhaling Wijziging Modus Service 2...15 = Aantal herhalingen 16 = Constante herhalingen Gas: Selectie van de vlamsensor 0 = QRB.../ QRC Wijziging...
Pagina 48
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Parameter Aant. Interval waarden Meeteenh Precisiegra Default Modaliteit elemente Wijziging instelling toegang Beschrijving Min. Max. Controle servomotor lucht 0°; 90°; 45°; (°) Wijziging 0° 90° 0,1° Modus Service (enkel instelling van de curve) niet bepaald POSITIONERING SERVOMOTOREN Positie van de servomotor brandstof wanneer de vlam...
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander Parameter Aant. Interval waarden Meeteenh Precisiegra Default Modaliteit elemente Wijziging instelling toegang Beschrijving Min. Max. Status aanvraag relais (gecodeerd in bit) Bit 0 = 1: Alarm Bit 1 = 2: Veiligheidsventiel Bit 2 = 4: Ontsteking Enkel lezing Modus Info Bit 3 = 8: Brandstofventiel 1...
Inbedrijfstelling, ijking en werking van de brander 5.14 Eindcontroles (met brander in werking) Open de thermostaat/drukschakelaar TL De brander moet stoppen met werken Open de thermostaat/drukschakelaar TS Draai draaiknopje maximumgasdrukschakelaar rond tot in de stand minimumschaaleinde De brander moet vergrendelen ...
Onderhoud Onderhoud Aantekeningen inzake veiligheid voor het onderhoud Het periodieke onderhoud is essentieel voor de goede werking, Voordat onderhouds-, schoonmaak- de veiligheid, het rendement en de bedrijfsduur van de brander. controlewerkzaamheid uitvoert: Dankzij het onderhoud worden het verbruik en de vervuilende uitstoten gereduceerd en blijft het product betrouwbaar door de Onderbreek de stroomtoevoer naar de brander tijd heen.
Onderhoud Ketel 6.2.4 Veiligheidscomponenten Reinig de ketel volgens de voorschriften zodat opnieuw over de De veiligheidscomponenten moeten vervangen worden volgens originele verbrandingsgegevens wordt beschikt. En in het de bedrijfscyclus die wordt aangeduid in Tab. S. bijzonder: druk in de verbrandingskamer en temperatuur van gespecificeerde bedrijfscycli betreffen...
Onderhoud Opening van de brander Los de schroef 1)(Afb. 39) en verwijder de kap 2). Verwijder de moeren 2)(Afb. 17 op pag. 23), monteer ze op Onderbreek de stroomtoevoer naar de brander de bijgeleverde verlengstukken en draai ze vast op de met de hoofdschakelaar van de inrichting.
Problemen - Oorzaken - Oplossingen Problemen - Oorzaken - Oplossingen Als de brander bij de ontsteking of bij de werking Indien de brander uitvalt, mag deze niet meer dan onregelmatigheden mocht vertonen, voert de brander een twee maal achtereenvolgens ontgrendeld worden “veiligheidsstop”...
Pagina 55
Problemen - Oorzaken - Oplossingen Foutcode Diagnostiekcode Betekenis van het systeem REC 27.100A2 Aanbevolen metingen Lektest Controleer of het ventiel aan de zijde van de brander lekt. Controleer of de drukschakelaar voor de lektest (PGVP) V2 lekt gesloten is wanneer geen gasdruk aanwezig is. Controleer de bedrading en controleer of kortsluiting aanwezig De dichtingscontrole van de ventielen is actief, maar de Dichtingscontrole ventielen niet mogelijk...
Pagina 56
Problemen - Oorzaken - Oplossingen Foutcode Diagnostiekcode Betekenis van het systeem REC 27.100A2 Aanbevolen metingen Veiligheidscircuit / Flens brander, vreemd licht, brandstofdruk, POC - Vergrendeling alarm bij de start Veiligheidscircuit / Flens brander, luchtdruk, brandstofdruk, POC - Vergrendeling alarm bij de start Veiligheidscircuit / Flens brander, vreemd licht, luchtdruk, brandstofdruk, POC - Vergrendeling alarm bij de start Voer een reset uit;...
Pagina 57
Problemen - Oorzaken - Oplossingen Foutcode Diagnostiekcode Betekenis van het systeem REC 27.100A2 Aanbevolen metingen Het was niet mogelijk om de target positie te bereiken binnen de gevraagde tolerantierange. Foute positie 1. Controleer of de servomotor werd vergrendeld of overbelast Circuit open gedetecteerd op de aansluiting van de servomotor.
Pagina 58
Problemen - Oorzaken - Oplossingen Foutcode Diagnostiekcode Betekenis van het systeem REC 27.100A2 Aanbevolen metingen 0 Min. drukschakelaar 1 Max. drukschakelaar 2 Drukschakelaar werkingstest ventiel 3 Luchtdruk 4 Controller belasting open 5 Controller belasting on/off Kan veroorzaakt worden door capacitieve ladingen of 6 Controller belasting gesloten aanwezigheid van spanning DC op de hoofdzakelijke Vergrendeld-onregelmatigheid...
Pagina 59
Problemen - Oorzaken - Oplossingen Foutcode Diagnostiekcode Betekenis van het systeem REC 27.100A2 Aanbevolen metingen De gegevens van de backup zijn incompatibel met de actuele 244 (-12) De gegevens van de backup zijn incompatibel softwareversie; de reset is niet mogelijk 245 (-11) Fout toegang tot parameter Restore_Complete Herhaal de reset en de backup...
Pagina 60
Problemen - Oorzaken - Oplossingen Foutcode Diagnostiekcode Betekenis van het systeem REC 27.100A2 Aanbevolen metingen Selectie interne werkingsmodaliteit Herbepaal de werkingsmodaliteit (parameter 201) Herbepaal de werkingsmodaliteit (parameter 201) Interne fout Voer een reset uit; als de fout herhaaldelijk voorkomt, moet de controledoos vervangen worden Nummer fase Stop programma...
Aanhangsel - Schema van schakelbord Aanhangsel - Schema van schakelbord Index van schema's Aanduiding van de referenties Functioneel schema REC27... Functioneel schema REC27... Functioneel schema REC27... De installateur zorgt voor de elektrische aansluitingen Elektrische aansluitingen kit Elektrische aansluitingen kit RWF... extern Aanduiding van de referenties / 1 .
Pagina 64
Aanhangsel - Schema van schakelbord 20073567...
Pagina 65
Aanhangsel - Schema van schakelbord 20073567...
Pagina 66
Aanhangsel - Schema van schakelbord 20073567...
Pagina 67
Aanhangsel - Schema van schakelbord 20073567...
Pagina 68
Aanhangsel - Schema van schakelbord 20073567...
Pagina 69
Aanhangsel - Schema van schakelbord 20073567...
Pagina 70
Aanhangsel - Schema van schakelbord 20073567...
Pagina 71
Aanhangsel - Schema van schakelbord Legende van de elektriciteitsschema’s Controledoos voor de verhouding lucht/brandstof XSM1 Connector servomotor gas Bedieningspaneel XSM2 Connector servomotor lucht Filter tegen radiostoringen Aarde console Onderdelen op de branders Regelventiel gas + veiligheidsventiel gas Onderdelen op de ketel Vermogenregelaar RWF Meter brandstof Ingang stroom DC 4...20 mA...
Pagina 72
RIELLO S.p.A. I-37045 Legnago (VR) Tel.: +39.0442.630111 http:// www.riello.it http:// www.riello.com Onder voorbehoud van wijzigingen...