4.0
Centrifugaalstrooier AMAZONE ZA-M
De centrifugaalstrooier AMAZONE ZA-M met twee trechterpunten (fig. 4.1/1) is uitgerust
met verwisselbare "Omnia-Set" strooischotels (fig. 4.1/2) (bijv. OS 20-28).
Deze strooischotels worden in rijrichting gezien, tegengesteld van binnen naar buiten
draaiend aangedreven en zijn met een korte (fig. 4.1/3) en een lange strooischoep (fig. 4.1/4)
uitgerust.
Een spiraalvormige roerinrichting (fig. 4.2/1) in elke trechterpunt zorgt voor een gelijkmatige
kunstmesttoevoer naar de "OMNIA-SET" strooischotels. De langzaam draaiende,
spiraalvormige segmenten van het roerwerk brengen de kunstmest gelijkmatig naar de
betreffende doseeropening.
De instelling van de strooihoeveelheid gaat met behulp van de stelhendels (fig. 4.1/5)
waarmee de grootte van de doorlaatopening naar de strooischotels wordt aangepast,
volgens opgave in de STROOITABEL of met de
eigenschappen van de kunstmest aan sterke schommelingen onderhevig zijn, wordt
geadviseerd de gekozen stand van de doseerschuiven voor de gewenste strooihoeveelheid
met een afdraaiproef te controleren. Het openen en sluiten van de uitstroomopening wordt
met een tweede schuif, hydraulisch (sluiten) en met een trekveer (openen), gerealiseerd.
Door verstellen van de strooischoepen op de strooischotel, kunnen met de "OMNIA-SET"
strooischotels verschillende werkbreedten tussen 10 en 36 meter worden ingesteld. Deze
verschillende instellingen van de traploos verstelbare strooischoepen geschiedt volgens
opgave in de strooitabel. De controle van de ingestelde werkbreedte is op eenvoudige wijze
met de mobile proefstand (extra uitvoering) uitvoerbaar.
Voor het bereiken van de aangegeven werkbreedten van 10 tot 36 m. zijn de volgende
"Omnia-Set" strooischotelparen beschikbaar:
• OS 10-12
• OS 10-18
Bij het gebruik van de strooischotels OS 30-36, moet de strooier altijd met een
beschermbeugel worden uitgerust (ter voorkoming van ongevallen)!
De kantstrooischotel „TELE-SET" (extra uitvoering)
•
TS 5-9
(voor afstanden van 5 tot 9 m tot de perceelrand)
•
TS 10-14
(voor afstanden van 10 tot 14 m tot de perceelrand)
•
TS 15-18
(voor afstanden van 15 tot 18 m tot de perceelrand)
kan vanuit het spuitspoor kant-toe worden gestrooid, indien gewenst met instelling volgens
de milieunorm.
Bevindt het eerste rijspoor zich op de halve werkbreedte van de perceelgrens, dan kan met
de op afstand bediende Limiter M (extra uitvoering) naar de perceelgrens (kant-toe) worden
gestrooid.
Wordt het eerste rijspoor direct naast de perceelgrens aangelegd, dan kan met de
kantstrooiplaat (extra uitvoering) eenzijdig in het perceel (kant-af) worden gestrooid.
• OS 20-28
• OS 30-36
REKENSCHIJF. Omdat strooi-
23