5 Montage
5.6
Productafmetingen en aansluitmaten
300
450
Basis- en uitbreidingsmodule van het zonnelaadstation moe-
ten direct naast elkaar hangen. De uitbreidingsmodule moet
altijd links van de basismodule hangen. Een hoogteverschil
is niet toegestaan.
10
110
340
30
150
100
120
5.7
Vrije montageruimtes
A
150 mm (beter:
350 mm)
B
200 mm
▶
Let bij het gebruik van het toebehoren op de minimumaf-
standen/vrije montageruimtes.
Aanwijzing
Boven en onder het product moet u minstens
150 mm afstand in acht nemen. Om het on-
derhoud te vergemakkelijken, raden we u een
afstand van 350 mm aan.
5.8
Afstanden tot brandbare componenten
Een afstand van het product tot onderdelen uit brandbare
onderdelen, die groter is dan de minimumafstanden, is niet
nodig.
5.9
Netaansluitkabel
Het product is af fabriek met een netaansluitkabel uitgerust
die u vast moet bedraden.
Als u de netaansluitkabel rechts onderaan uit het product
leidt, dan heeft hij een lengte van 1,15 m.
Als u de netaansluitkabel rechts bovenaan uit het product
leidt, dan heeft hij een lengte van 1,45 m.
5.10
Geluidsontwikkeling
Tijdens het gebruik komt het tot een geluidsontwikkeling. Het
volume is afhankelijk van de uitvoering van het zonnecircuit.
Hoewel de geluiden relatief stil zijn (< 51 dBA), kunnen ze
als storend ervaren worden.
▶
Installeer het product in een geluidsgeïosoleerde ruimte
(bijv. technische ruimte of stookruimte).
Installatie- en onderhoudshandleiding auroFLOW plus 0020160584_04
B
D
C
200 mm
D
450 mm