INHOUDSOPGAVE Algemene informatie Informatie over het document 1.1.1 Verplichting van deze gebruiksaanwijzing 1.1.2 Aanwijzingen bij de afbeeldingen 1.1.3 Symbolen en accentueringen Adres fabrikant Contact EU-conformiteitsverklaring Vertaalde kopie van de EU-conformiteitsverklaring UK-verklaring Vertaalde kopie van de Uk-conformiteitsverklaring volgens de voorschriften ten aanzien van elektromagnetische compatibiliteit van 2016 Veiligheid Gebruik volgens de bestemming...
Pagina 4
6.3.3 Stuurkop met 2 stuurkleppen – voor lifting van de dubbele schotel, voor externe luchtaansluiting van een lucht-/lucht-aandrijving of voor hoofdslag van een externe procesklep 6.3.4 Stuurkop met 2 stuurkleppen- voor spreidlift van de dubbele schotel 6.3.5 Stuurkop met 3 stuurkleppen voor lifting van de klep- en dubbele schotels 6.3.6 Stuurkop met 3 stuurkleppen voor lifting van de dubbele schotel en voor spreidlift van de dubbele schotel 6.3.7...
Algemene informatie Informatie over het document Algemene informatie Informatie over het document Deze gebruiksaanwijzing is onderdeel van de gebruikersinformatie van de component. De gebruiksaanwijzing bevat alle informatie die u nodig hebt om de component te transporteren, in te bouwen, in gebruik te nemen, te bedienen en te onderhouden.
Tweede bedieningsstap in een bedieningsreeks. ® Resultaat van de voorafgaande bedieningsstap. ® De bediening is afgesloten, het doel is bereikt. Verklaring ! Overige, nuttige informatie. Adres fabrikant GEA Tuchenhagen GmbH Am Industriepark 2-10 21514 Büchen Contact Tel.:+49 4155 49-0 Fax:+49 4155 49-2035 flowcomponents@gea.com www.gea.com 430BAL010699NL_9 01.02.2024...
Algemene informatie EU-conformiteitsverklaring EU-conformiteitsverklaring EU Declaration of Conformity Manufacturer: GEA Tuchenhagen GmbH Am Industriepark 2-10 21514 Büchen, Germany We hereby declare that the devices named below Control Top T.VIS ® A-15 Model: Control top T.VIS ® A-15/ Class I Division 2...
Algemene informatie Vertaalde kopie van de EU-conformiteitsverklaring Vertaalde kopie van de EU-conformiteitsverklaring Fabrikant: GEA Tuchenhagen GmbH Am Industriepark 2-10 21514 Büchen, Duitsland Hierbij verklaren wij dat onderstaande machine Model: ® Stuurkop T.VIS A-15 ® Stuurkop T.VIS A-15/klasse I divisie 2...
Algemene informatie UK-verklaring UK-verklaring UK- Declaration of Conformity by Electromagnetic Compatibility Regulations 2016 Manufacturer: GEA Tuchenhagen GmbH Am Industriepark 2-10 21514 Büchen, Germany Hereby, we declare that the machine designated in the following Model: Control top T.VIS ® A-15 Control top T.VIS ®...
Vertaalde kopie van de Uk-conformiteitsverklaring volgens de voorschriften ten aanzien van elektromagnetische compatibiliteit van 2016 Vertaalde kopie van de Uk-conformiteitsverklaring volgens de voorschriften ten aanzien van elektromagnetische compatibiliteit van 2016 Fabrikant: GEA Tuchenhagen GmbH Am Industriepark 2-10 21514 Büchen, Duitsland Hierbij verklaren wij dat onderstaande machine Model: ®...
Voor proceskleppen waar geen interne luchtgeleiding mogelijk is, beschikt de stuurkop over de mogelijkheid om de lucht via een slang extern toe te voeren. De stuurkop T.VIS A-15 mag niet in gebieden worden gebruikt, waarin een ATEX-goedkeuring vereist is. Verklaring ! De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade die ontstaat door gebruik van de klep dat niet overeenkomstig de bestemming is.
U mag deze component in technisch opzicht nooit veranderen. Anders moet u zelf opnieuw een conformiteitsprocedure conform de EU-machinerichtlijn uitvoeren. In principe mogen alleen originele reserveonderdelen van GEA Tuchenhagen GmbH worden ingebouwd. Op die manier is altijd een optimale en rendabele werking van de component gegarandeerd.
Veiligheid IP-beschermingsklassen IP-beschermingsklassen De regelkop T.VIS A-15 voldoet standaard aan de eisen van de beschermingsklasse IP66, IP67 en IP69 (DIN EN 60529) evenals van beschermingsklasse IP6k9k (ISO 20653). De IP-beschermingsklassen bieden informatie over de omvang, waarin de behuizing van een elektrisch apparaat beschermd is tegen het binnendringen van vreemde stoffen (eerste cijfer) en vocht (tweede cijfer).
Veiligheid Aanvullende voorschriften Voor het veilige bedrijf van het ventiel gelden de volgende basisprincipes: De gebruiksaanwijzing moet volledig en in goed leesbare vorm voor iedereen • onder handbereik op de toepassingslocatie van het ventiel worden opgeborgen. Gebruik het ventiel uitsluitend overeenkomstig de toepassing. •...
Veiligheid Kwalificatie van het personeel desbetreffende ongevallenpreventievoorschriften. • algemeen erkende veiligheidstechnische regels. • nationale voorschriften in het land van de gebruiker. • bedrijfsinterne werk- en veiligheidsvoorschriften. • inbouw- en bedrijfsvoorschriften voor gebruik in explosieve zones. • Kwalificatie van het personeel In deze paragraaf wordt beschreven welke opleiding het personeel moet hebben gevolgd om werkzaamheden aan de component uit te voeren.
Veiligheid Veiligheidsinrichtingen Gebruikersgroepen Personeel Kwalificatie Bedieningspersoneel Geschikte instructies evenals grondige kennis op de volgende gebieden: Werking van de component • Bedieningsprocedures aan de component • Gedrag bij storingen • Competenties en verantwoordelijkheden bij de betreffende • werkzaamheden Onderhoudspersoneel Adequate training over en grondige kennis van de opbouw en werking van de component.
Veiligheid Resterende gevaren Bebording op de stuurkop Bord Betekenis Waarschuwing voor gevaarlijk punt Afb.1 Waarschuwing voor gevaren door afknelling Afb.2 Resterende gevaren Gevaarlijke situaties kunnen door veiligheidsbewust en vooruitziend gedrag van het personeel en door het dragen van een persoonlijke beschermuitrusting worden vermeden.
Veiligheid Gevarenzones 2.10 Gevarenzones Let op de volgende aanwijzingen: Bij functiestoringen moet u de stuurkop buiten bedrijf stellen (loskoppelen van • stroom- en luchttoevoer) en beveiligen tegen hernieuwd gebruik. Schakel de stuurkop bij alle onderhouds-, service- en • reparatiewerkzaamheden spanningsvrij en beveilig hem tegen onopzettelijk hernieuwd inschakelen.
Beschrijving van de werking 3.1.1 Werkingswijze De stuurkop T.VIS A-15 werkt met een microprocessor, die de software voor bediening, visualisering en de slimme positieregistratie bevat. De klepslag wordt met een in de stuurkop geïntegreerd, contactloos trajectmeetsysteem bepaald en naar de microprocessor gevoerd.
Beschrijving Beschrijving van de werking Voor perluchtondersteuning van de aandrijfveer kan optioneel een pneumatisch logica-element NOOD worden gebruikt. Daardoor wordt het max. aantal stuurventielen verminderd naar 3 stuks. De stuursignalen worden door de procesbesturing van de gebruiker, resp. tijdens de automatische eindpositieprogrammering door de microprocessor van de stuurkop gegeven.
Beschrijving Beschrijving van de werking De stuurkop T.VIS A-15 is in dit type en bij montage volgens de voorschriften van de elektrische en pneumatische aansluitingen voor het gebruik volgens beschermingssoort IP66 (EN 60529) geschikt. De bediening van de stuurkop gebeurt via de drukknop plus/minus bij gesloten kap.
Beschrijving in de fabriek op inactief gezette dempingen van terugkoppelingssignalen • worden ingesteld, bij kleppen met dubbele afdichting met liftaandrijving de LEFF-functie worden • geactiveerd. Het is ook is mogelijk om via de functie „Kleurvariant“ voor de visualisering van de eindposities van kleur te wisselen, waarbij tegelijkertijd de uitgangen voor de terugmeldingen worden vervangen.
Transport en opslag Opslagcondities Transport en opslag Opslagcondities Wanneer de stuurkop bij het transport of bij de opslag aan temperaturen ≤ 0°C worden blootgesteld, moet u de stuurkop ter bescherming tegen beschadigingen van tevoren drogen en conserveren. Verklaring ! Wij adviseren om het voor gebruik (demontage van de behuizing/ aansturing van de aandrijvingen) 24 uur op te slaan bij een temperatuur van 5 °C of hoger, opdat eventueel uit condenswater ontstane ijskristallen zijn gesmolten.
Verklaring van de posities in de bestelcode Positie in de Omschrijving Verklaring bestelcode Terugmelding plaats T A 1 5 Stuurkop T.VIS A-15 Regelkop type zonder stuurventiel 1 stuurventiel 1 stuurventiel Y1 (achteraf te monteren: Y2, 2 stuurventiel Y1= hoofdslag Y4 = spreidlift dubbele schotel 4 stuurventiel Y1 hoofdslag;...
Pagina 27
Technische gegevens Typeplaatje Verklaring van de posities in de bestelcode Positie in de Omschrijving Verklaring bestelcode 3 stuurventielen 1 stuurventiel, 1 NOOD-element 2 stuurventielen, 1 NOOD-element 3 stuurventielen, 1 NOOD-element Terugmeldingen 3 digitale terugkoppelingen S1; S2 incl. een externe initiator S3 (spreidlift dubbele schotel) 3/4 digitale terugkoppelingen S1;...
Pagina 28
Technische gegevens Typeplaatje Verklaring van de posities in de bestelcode Positie in de Omschrijving Verklaring bestelcode 8-polige stekker M12/8-aderen/M20x1,5 24 VDC 12-Polige stekker M12/9-aderig/M20x 1,5 24 VDC (alleen bij inschakelig 24VDC en 4e terugkoppeling) 0,5" NPT kabelschroefverbinding 24 VDC Opties Toevoerlucht-smoorklep: regelt de openingssnelheid van de ventielen (niet te gebruiken bij stuurkop type V;...
Technische gegevens Technische gegevens Verklaring van de posities in de bestelcode Positie in de Omschrijving Verklaring bestelcode /CD* UL 121201 - Niet-brandgevaarlijke elektrische apparatuur voor gebruik op locaties van klasse I, divisie 2, gevaarlijke (geclassificeerde) locaties. CSA C22.2 nr. 213-17 - Niet- brandgevaarlijke elektrische apparatuur voor gebruik op locaties van klasse I, divisie 2, gevaarlijke locaties.
Pagina 30
Technische gegevens Technische gegevens Technische gegevens: persluchtvoorziening, productdruk en CIP-druk Omschrijving Beschrijving 6 bar (87 psi), max. 8 bar (116 psi) configuratie met standaardaandrijving Stuurluchtdruk Alternatieve combinaties van productdruk en stuurluchtdruk op aanvraag 5 bar (72,5 psi) configuratie met standaardaandrijving max.
Technische gegevens Specificatie 24 V DC versie Technische gegevens: elektrische informatie Omschrijving Beschrijving Elektrische aansluittechniek 5pol. rondstekker M12 of – 8-pol. Rondstekker M12 alleen bij – versie 24 V met 2 tot 3 stuurventielen 12pol. Rondstekker M12 alleen bij – versie 24V met 4 terugkoppelingen klemmenstrook –...
Technische gegevens Specificatie IO-Link Technische gegevens: uitgangen Omschrijving Beschrijving Uitgangsspanning High = UV - ≤ 1 V Low = ≤ 5 V Max. stroom per uitgang 100 mA kortsluitingsbestendig Schakelfrequentie 2 Hz (ohmse + inductieve lasten ≤ 25 mH) Specificatie IO-Link Technische gegevens: voeding Omschrijving Beschrijving...
Pagina 33
Technische gegevens Specificatie IO-Link Technische gegevens: ingangen vanuit het perspectief van de IO-Link Master Terugmelding Signaal DI1* 1= ventiel in de eindpositie 0= ventiel buiten Hoofdslag de tolerantie voor de eindpositie (wanneer PV Y1 = 1= dubbele schotel gesloten Dubbele schotel 0= dubbele schotel niet gesloten of geen...
Pagina 34
Technische gegevens Specificatie IO-Link Technische gegevens: ingangen vanuit het perspectief van de IO-Link Master Terugmelding Signaal Stuurventiel Y1 0=stuurventiel geactiveerd inactief 1= stuurventiel PV Y2 on geactiveerd Stuurventiel Y2 0=stuurventiel geactiveerd inactief 1= stuurventiel PV Y3 on geactiveerd Stuurventiel Y3 0=stuurventiel geactiveerd inactief...
Pagina 37
Technische gegevens Specificatie AS-interface Technische gegevens: Ingangen vanuit het perspectief van de AS- interface Master Terugmelding Signaal 1= ventiel in DI0* rustpositie 0= ventiel buiten de Hoofdslag tolerantie voor de rustpositie 1= ventiel in de DI1* eindpositie 0= ventiel buiten de Hoofdslag tolerantie voor de eindpositie...
Pagina 38
Technische gegevens Specificatie AS-interface Technische gegevens: ingangen vanuit het perspectief van de AS- interface Master Terugmelding Signaal 1= ventiel in de eindpositie 0= ventiel buiten Hoofdslag de tolerantie voor de eindpositie S3 (wanneer PV Y1 = 0) 1= dubbele schotel gesloten 0= dubbele schotel niet Dubbele schotel...
Pagina 40
Technische gegevens Specificatie DeviceNet Technische gegevens: ingangen vanuit het perspectief van de DeviceNet Master Terugmelding Signaal I-0* 1= ventiel in rustpositie 0= ventiel buiten de tolerantie Hoofdslag voor de rustpositie I-1* 1= ventiel in de eindpositie 0= ventiel buiten de tolerantie Hoofdslag voor de eindpositie 1= dubbele schotel gesloten...
Pagina 41
Technische gegevens Specificatie DeviceNet Technische gegevens: ingangen vanuit het perspectief van de DeviceNet Master Terugmelding Signaal I-0*(klep met dubbele 1= ventielschotel gesloten zitting) 0= ventiel buiten de Ventielschotel tolerantie I-1* 1= ventiel in de eindpositie 0= ventiel buiten de Hoofdslag tolerantie voor de eindpositie S3 (wanneer PV Y1 = 0)
Pagina 42
Technische gegevens Specificatie DeviceNet Technische gegevens: uitgangen Aansturing Signaal 1= stuurventiel geactiveerd PV Y3 (wanneer PV Y1 = 0= stuurventiel Activering stuurventiel Y3 gedeactiveerd 1= stuurventiel geactiveerd PV Y4 (wanneer PV Y1 = 0= stuurventiel Activering stuurventiel Y4 gedeactiveerd niet bezet ** Spreidliftfunctie alleen in combinatie met printplaat 221-005026 (78) Technische gegevens: led-indicatoren voor module- en netwerkstatus Beschrijving...
Pagina 43
Technische gegevens Specificatie DeviceNet Afb.11: DIP-schakelaar: schakelaar 3 en 8 = MAC ID (adres) Schakelaar 3 tot 8 = MAC ID (adres) DIP 3 DIP 4 DIP 5 DIP 6 DIP 7 DIP 8 MAC ID *Fabrieksinstelling 430BAL010699NL_9 01.02.2024...
Montage en installatie Veiligheidsvoorschriften Montage en installatie Veiligheidsvoorschriften Tijdens de montage kunnen gevaarlijke situaties worden vermeden als het personeel veiligheidsbewust en vooruitziend handelt. Bij de montage gelden de volgende basisprincipes: Alleen personeel dat daarvoor is gekwalificeerd, mag de component • opstellen, monteren en in bedrijf nemen.
Vóór het verwijderen van een sluitstop (23) ervoor zorgen, dat de betreffende luchtaansluiting drukvrij is! Bij het merendeel van de kleptypen van GEA Tuchenhagen wordt de hoofdstuurlucht intern door stuurklep Y1 door de schakelstang in de hoofdaandrijving geleid. Bovendien is de externe luchtaansluiting Y1 aanwezig.
Vóór het verwijderen van een sluitstop (23) ervoor zorgen, dat de betreffende luchtaansluiting drukvrij is! Bij het merendeel van de kleptypen van GEA Tuchenhagen wordt de hoofdstuurlucht intern door stuurklep Y1 door de schakelstang in de hoofdaandrijving geleid. Bovendien is de externe luchtaansluiting Y1 aanwezig.
Vóór het verwijderen van een sluitstop (23) ervoor zorgen, dat de betreffende luchtaansluiting drukvrij is! Bij het merendeel van de kleptypen van GEA Tuchenhagen wordt de hoofdstuurlucht intern door stuurklep Y1 door de schakelstang in de hoofdaandrijving geleid. Bovendien is de externe luchtaansluiting Y1 aanwezig.
Vóór het verwijderen van een sluitstop (23) ervoor zorgen, dat de betreffende luchtaansluiting drukvrij is! Bij het merendeel van de kleptypen van GEA Tuchenhagen wordt de hoofdstuurlucht intern door stuurklep Y1 door de schakelstang in de hoofdaandrijving geleid. Bovendien is de externe luchtaansluiting Y1 aanwezig.
Vóór het verwijderen van een sluitstop (23) ervoor zorgen, dat de betreffende luchtaansluiting drukvrij is! Bij het merendeel van de kleptypen van GEA Tuchenhagen wordt de hoofdstuurlucht intern door stuurklep Y1 door de schakelstang in de hoofdaandrijving geleid. Bovendien is de externe luchtaansluiting Y1 aanwezig.
Pagina 53
Montage en installatie Pneumatische aansluiting Verklaring ! Om een voldoende persluchttoevoer van de procesaandrijvingen te waarborgen, mogen max. 2 stuurventielen tegelijkertijd elektrisch worden aangestuurd! Daarbij dient ervoor gezorgd te worden dat er geen gelijktijdige pneumatische aansturing van de aandrijving of de liften via dezelfde procesklep kan plaatsvinden! 430BAL010699NL_9 01.02.2024...
Vóór het verwijderen van een sluitstop (23) ervoor zorgen, dat de betreffende luchtaansluiting drukvrij is! Bij het merendeel van de kleptypen van GEA Tuchenhagen wordt de hoofdstuurlucht intern door stuurklep Y1 door de schakelstang in de hoofdaandrijving geleid. Bovendien is de externe luchtaansluiting Y1 aanwezig.
Montage en installatie Pneumatische aansluiting 6.3.7 Stuurkop met 4 stuurkleppen voor lifting van de klep- en dubbele schotels en voor spreidlift van de dubbele schotel Afb.19: Stuurkop (standaard-variant in IP66) Afvoerlucht van de hoofdslag Y1 met geluidsdemper optioneel: afvoerlucht-smoorklep De aansluiting E1 mag niet worden afgesloten! Veiligheidsontluchting tegen overdruk en afvoerlucht van de liftaandrijving of van een externe hoofdslag via terugslagklep/geluidsdemper De aansluiting E2 mag niet worden afgesloten!
Montage en installatie Elektrische aansluiting Bij het merendeel van de kleptypen van GEA Tuchenhagen wordt de hoofdstuurlucht intern door stuurklep Y1 door de schakelstang in de hoofdaandrijving geleid. Bovendien is de externe luchtaansluiting Y1 aanwezig. Verklaring ! Om een voldoende persluchttoevoer van de procesaandrijvingen te waarborgen, mogen max.
Montage en installatie Elektrische aansluiting 6.4.1 Overzicht 24.1 Afb.20 Afb.21 Levensgevaar Werkzaamheden aan de elektrische installatie mogen alleen door gekwalificeerde personen worden uitgevoerd. Voorafgaand aan de elektrische aansluiting moet u altijd de toegestane bedrijfsspanning controleren. ► 430BAL010699NL_9 01.02.2024...
Montage en installatie Elektrische aansluiting Verklaring ! Om ervoor te zorgen dat de regelkop via de schakelstang kan worden gedemonteerd, moet de elektrische kabel lang genoeg zijn! De kabels moeten voor gebruik in een temperatuurbereik van -20 °C tot +75 °C geschikt zijn! 6.4.2 Elektrische bekabeling 24 VDC 6.4.2.1 Stekker M12/5-polig (24.1)
Montage en installatie Elektrische aansluiting 6.4.2.4 Kabelwartel (24) Afb.25: Klemmenbezetting van de optionele extra printplaat 24 VDC (78), materiaal-nr.221-005025 Voer de volgende stappen uit: Kabel (diameter 6-12 mm) via kabelschroefverbinding (24) invoeren en in de stuurkop bij de extra printplaat (78) volgens aansluitschema aansluiten. Aderen met adereindhulzen gebruiken, max.
Montage en installatie Elektrische aansluiting Niet aangesloten IO-Link Niet aangesloten * Bezetting bij kleurvariant groen; zie Gedeelte 6.5, pagina 64. Voer de volgende stappen uit: Kabel via steekverbinder M12/5-polig aansluiten. ® Klaar. 6.4.4 Elektrische bekabeling AS-interface 6.4.4.1 Stekker M12/5-polig (24.1) Afb.27: 5-polige M12 steekverbinder A-gecodeerd: apparaatstekker en aanzicht van de pinnenstrook Bijbehorende kabeldozen art.nr 508-027, 508-028 en 508-963.
Montage en installatie Optische weergave Kabel (Ø 3-7mm) via kabelschroefverbinding (50) invoeren en in de stuurkop bij de klemmen (K1) en (K2) overeenkomstig het aansluitschema aansluiten. Kabel in de kabelwartel met een aanhaalmoment van 2,5 Nm vastzetten. ® Klaar. Optische weergave 6.5.1 Lichtkoepel Afb.30...
Montage en installatie Optische weergave Default-speciaal: • Stuurkop niet geprogrammeerd: 2x knipperen - pauze - 2x knipperen - pauze Wanneer gedurende meer dan 5 s geen signaal is weergegeven, duidt dat op een stroomuitval! 6.5.2 Kleuromschakeling Met behulp van de “Kleuromschakeling” kunt u de kleurtoewijzing van de volgende indicatoren omdraaien (groen naar geel, resp.
Montage en installatie Montage van de stuurkop op verschillende ventielen Verklaring van de pinbezetting Stekker- Stekkertype Pos.-nr. in de Omschrijving positie reserveonderd elenlijst Pico -Blade 2-polig Stuurventiel Y3 Klemmenstrip 2-polig Kabelaansluiting externe initiator Verklaring van de pinbezetting van de spreidlift-printplaat, materiaalnr. 221-005026 (afb. Pos.nr.
De pneumatische en elektrische aansluitingen na de kleppenblokconfiguratie tot stand brengen. De luchtaansluiting Y1 met een sluitstop (23) afsluiten, omdat de stuurkop T.VIS A-15 een interne luchtgeleiding heeft. Afb.35 Inbedrijfstelling uitvoeren, zie Hoofdstuk 6, pagina 47 en Hoofdstuk 7, pagina 81.
Pagina 70
Montage en installatie Montage van de stuurkop op verschillende ventielen De luchtslangen mogen tijdens de montage niet worden geknikt. • Afb.36 Voer de volgende stappen uit: Plaats O-ring (F1) in de onderste O-ring groef van montagevoet (F). Vet O-ring (F1) en de binnendraad van montagevoet (F1) licht in en schroef vervolgens de montagevoet op de aandrijving en draai deze met een pensleutel en een koppel van 20 Nm vast.
De halve ringen (15) en schroeven (39) met een aanhaalmoment van 1Nm (0,7 lbft) vastzetten. De pneumatische en elektrische aansluitingen na de kleppenblokconfiguratie tot stand brengen. De luchtaansluiting Y1 met een sluitstop (23) afsluiten, omdat de stuurkop T.VIS A-15 een interne luchtgeleiding heeft. 430BAL010699NL_9 01.02.2024...
Montage en installatie Montage van de stuurkop op verschillende ventielen Afb.38 Inbedrijfstelling uitvoeren, zie Hoofdstuk 6, pagina 47 en Hoofdstuk 7, pagina 81. ® Klaar. 6.6.4 Montage op een schijfklep T-smart 8000 Voorwaarde: De luchtslangen mogen tijdens de montage niet worden geknikt. •...
De pneumatische en elektrische aansluitingen na de kleppenblokconfiguratie tot stand brengen. De luchtaansluiting Y1 met een sluitstop (23) afsluiten, omdat de stuurkop T.VIS A-15 een interne luchtgeleiding heeft. Afb.40 Inbedrijfstelling uitvoeren, zie Hoofdstuk 6, pagina 47 en Hoofdstuk 7, pagina 81.
Montage en installatie Montage van de stuurkop op verschillende ventielen De luchtaansluiting Y1 met een sluitstop (23) afsluiten, omdat de stuurkop T.VIS A-15 een interne luchtgeleiding heeft. Afb.42 Inbedrijfstelling uitvoeren, zie Hoofdstuk 6, pagina 47 en Hoofdstuk 7, pagina 81.
De pneumatische en elektrische aansluitingen na de kleppenblokconfiguratie tot stand brengen. Wegens de interne luchtgeleiding van de stuurkop T.VIS A-15 (B) is de aansluiting A.4.2 bij de aandrijving en de luchtaansluiting Y1 (23) bij de stuurkop gesloten. Afb.44 Inbedrijfstelling uitvoeren, zie Hoofdstuk 6, pagina 47 en Hoofdstuk 7, pagina 81.
Montage en installatie Montage van de stuurkop op verschillende ventielen Afb.45 Montagesokkel (198) in de aandrijving (A4) schroeven en met pensleutel vastdraaien. Schakelstang (1) met ring (99) in de zuigerstang (A4.1) schroeven en met steeksleutel SW 13 aandraaien, aanhaalmoment 2 Nm (1.4 lbft). Regelkop (B) over schakelstang (1) op de aandrijving aanbrengen.
Montage en installatie Montage van de stuurkop op verschillende ventielen Afb.46 De adapter in de aandrijving (A4.1) schroeven en met steeksleutel SW 17 aandraaien. Montagesokkel T.VIS (198) met O-ringen (29, 101) en glijlager (202) completeren. Montagesokkel (198) in de aandrijving (A4) schroeven en met pensleutel vastdraaien.
Montage en installatie Montage van de stuurkop op verschillende ventielen Montagesokkel T.VIS (198) met O-ringen (29, 101) en glijlager (202) completeren. Afb.48 Afb.47 Adapter T.VIS E/SHO (139) in de aandrijving met steeksleutel bij het sleutelvlak (139.1) schroeven en aandraaien. Montagesokkel (198) via adapter T.VIS E/SHO (139) in de aandrijving (A.3) schroeven en met pensleutel aandraaien.
Montage en installatie Montage van de stuurkop op verschillende ventielen Afb.49 Voorwaarde: De luchtslangen mogen tijdens de montage niet worden geknikt. • Voer de volgende stappen uit: Schakelstang (1) in zuigerstang A4.1 schroeven en met steeksleutel SW13 bij (1.1) vastdraaien, aanhaalmoment 2 Nm. 2.
Montage en installatie Afb.50 Schakelstang (4) materiaalnr. 221-589.87, in de zuigerstang (A4.1) schroeven en met steeksleutel SW 13 aandraaien, aanhaalmoment 3 Nm. Regelkop (B) over schakelstang (4) op de aandrijving aanbrengen. De klemverbinding (15) en schroeven (39) met een aanhaalmoment van 1 Nm vastzetten.
Ingebruikname Veiligheidsvoorschriften Ingebruikname Veiligheidsvoorschriften Eerste inbedrijfstelling Bij de eerste inbedrijfstelling gelden de volgende basisprincipes: Voer de beschermingsmaatregelen tegen gevaarlijke contactspanningen uit • overeenkomstig de geldende voorschriften. De stuurkop moet volledig gemonteerd en correct afgesteld zijn. Alle • schroefverbindingen moeten stevig vastgedraaid zijn. Alle elektroleidingen moeten correct geïnstalleerd zijn.
Indien de stuurkop correct op het ventiel is gemonteerd, en de elektrische aansluiting volgens de voorschriften is uitgevoerd, kan de inbedrijfstelling plaatsvinden. Omdat de T.VIS A-15 zijn stuurklepuitrusting herkent en er dus van uitgaat dat aan de voorwaarden van de procesklep wordt voldaan, moet bij een daarvan afwijkend gebruik de zogenaamde speciale default vóór de SETUP...
Pagina 83
Gedeelte 8.3, pagina 103. ® Wanneer 24/7 PMO kleppen (typen M_O (06), M/2.0, MT/T_T(08) in combinatie met de stuurkop T.VIS A-15 worden gebruikt, mogen de fabrieksinstellingen in de stuurkop niet worden gewijzigd. ® Indien binnen 30 seconden geen keuze wordt gemaakt, wordt automatisch de laatst gekozen instelling overgenomen.
Het stuurventiel kan ook in handmatige modus worden geactiveerd en gedeactiveerd via de bedieningsknoppen, zie . Servicefunctie Wanneer een met een stuurkop T.VIS A-15 uitgerust procesventiel wordt onderhouden, moet het ventielinzetstuk uit de behuizing worden getrokken. Daartoe moet de voorspanning van de ventielschotel van het procesventiel worden opgetild, door het aansturen van de hoofdaandrijving.
Pagina 85
Ingebruikname Initiator in de lantaarn aanpassen - voor ongebalanceerde dubbele schotels van de kleppen D, R, Y, B, T_R en MT Afb.54 Moer Nl (2) in het sleufgat (4.1) van de lantaarn 90° draaien en met de verzinkschroef (3) vastdraaien. Afb.55 ®...
Pagina 86
Ingebruikname Initiator in de lantaarn aanpassen - voor ongebalanceerde dubbele schotels van de kleppen D, R, Y, B, T_R en MT Door de verzinkschroef iets los te draaien de initiatorsteun dusdanig in het sleufgat van de lantaarn positioneren dat de instelschroef (6) met zijn tap aansluit op de rand van de reinigingsaansluiting in de richting van de aandrijving (A).
Initiator in de lantaarn aanpassen - voor dubbele schotel van de tankbodemklep MT-DA (spreidlift) Verklaring ! Alleen in combinatie met T.VIS A-15. Afb.60: 1 = initiator / 2 = initiator De klep van type MT DA bevat twee in de lantaarn geplaatste initiatoren. Initiator 1 bewaakt de ruststand van de dubbele schotel registreert de dubbele schotel bij het verlaten van de ruststand.
Pagina 88
Ingebruikname Initiator in de lantaarn aanpassen - voor ongebalanceerde dubbele schotels van de kleppen D, R, Y, B, T_R en MT Levensgevaar Risico bij montage van initiatoren 1 en 2 terwijl de klep is geactiveerd. Onbedoelde activeren of deactiveren van de klep kan tot ernstig letsel leiden! ►...
Pagina 89
Ingebruikname Initiator in de lantaarn aanpassen - voor ongebalanceerde dubbele schotels van de kleppen D, R, Y, B, T_R en MT Afb.61 Bevestig het glijstuk (1) met de verzonken schroef (3) in de getoonde richting met het montagegat (1.1) naar de behuizing (5) gericht. Draai de moer van de naderingsschakelaar (2) met de verzonken schroef (3) vast.
Pagina 90
Ingebruikname Initiator in de lantaarn aanpassen - voor ongebalanceerde dubbele schotels van de kleppen D, R, Y, B, T_R en MT Afb.62 Klaar ® Naderingsschakelaar instellen Voer de volgende stappen uit: Draai de insteldoorn (6) tot de bovenkant van de lekkage-indicator (7)in de houder voor de naderingsschakelaar.
Pagina 91
Ingebruikname Initiator in de lantaarn aanpassen - voor ongebalanceerde dubbele schotels van de kleppen D, R, Y, B, T_R en MT Afb.63 Plaats de houder voor de naderingsschakelaar door de verzonken schroef in de uitsparing in de lantaarn iets los te draaien, zodat de punt van de insteldoorn (6) in de richting van de aandrijving (A) op de schouder van de lekkage-indicator (7) rust, zie afbeelding 63.
Pagina 92
Ingebruikname Initiator in de lantaarn aanpassen - voor ongebalanceerde dubbele schotels van de kleppen D, R, Y, B, T_R en MT Afb.64 430BAL010699NL_9 01.02.2024...
Pagina 93
Ingebruikname Initiator in de lantaarn aanpassen - voor ongebalanceerde dubbele schotels van de kleppen D, R, Y, B, T_R en MT Afb.65 ® Klaar Naderingsschakelaar monteren Voer de volgende stappen uit: Verwijder insteldoorn (6). Schroef de naderingsschakelaar M12 (8) samen met de contramoer (11) tot aan de lekkage-indicator (7) in de houder voor de naderingsschakelaar (12).
Pagina 94
Ingebruikname Initiator in de lantaarn aanpassen - voor ongebalanceerde dubbele schotels van de kleppen D, R, Y, B, T_R en MT Afb.66 ® Klaar Naderingsschakelaar instellen Voer de volgende stappen uit: Draai de naderingsschakelaar (8) een volledige slag (360°) los om de afstand (a) van 0,5 tot 1,0 mm in te stellen.
Ingebruikname Initiator in de lantaarn van de klep PMO type M/2.0 afstellen Afb.67: 1 = initiator / 2 = initiator Contramoer (11) vastdraaien. Bevestig stekker (10), die al elektrisch verbonden is met het bedieningspaneel met de wartelmoer M12 (10.1) op de naderingsschakelaar. De led op de naderingsschakelaar moet nu branden in de bedrijfsmodus.
Pagina 96
Ingebruikname Initiator in de lantaarn van de klep PMO type M/2.0 afstellen Het glijstuk (1) met de verzinkschroef (3) in de afgebeelde stand vastzetten. Het bevestigingsboorgat (1.1) moet in de richting van de behuizing (5) staan. De moer van de initiator (2) met de verzinkschroef (3) vastdraaien. Afb.69 ®...
Ingebruikname Testmethode voor Tuchenhagen PMO kleppen type M/2.0 Initiator inbouwen Voer de volgende stappen uit: De instelschroef verwijderen (6). 2. De initiator M12 (8) samen met de contramoer (11) in de steun schroeven tot aan de balanceerinrichting (7). Afb.72 ® Klaar.
Ingebruikname Testmethode voor Tuchenhagen PMO kleppen type M/2.0 Activering van de onderste klepschotel door activering van de stuurklep Y2 via de PLC. ® Wanneer de zitting omlaag (ca. 6 mm) beweegt, dooft de groene LED op de bovenzijde van de stuurkop en verandert in geel knipperen (LEFF gedeactiveerd) of in een groen/geel knipperen (LEFF geactiveerd) om aan te geven dat de positieregistratievoorziening het verlaten van de gesloten positie van de onderste klepschotel heeft herkend.
Pagina 100
Ingebruikname Stap 1 Zorg ervoor, dat de te testen klep onderdeel van een actief reinigingscircuit is en bepaal, welke van de beide behuizingen onderdeel van dit actieve reinigingsprogramma is. Stap 2 Voer de volgende stappen uit: Wanneer de bovenste behuizing deel van het actieve CIP-circuit is: activeer de onderste zittingbeluchting door activeren van de stuurklep Y2 via de PLC.
Instellingen in de programmeermodus Verklaring ! Wanneer 24/7 PMO-ventielen (typen M_O (06), M/2.0, MT/T_T(08) in combinatie met de stuurkop T.VIS A-15 worden gebruikt, mogen de fabrieksinstellingen in de stuurkop niet worden gewijzigd. Positietolerantie voor de hoofdslag instellen Wanneer de tolerantie niet volgens de voorschriften wordt ingesteld, kan dat tot storingen in de klep leiden.
Pagina 102
Tegelijkertijd wordt een statische wisseling van een terugkoppeling met de dempingstijd vertraagd. Zo kunnen gebruikersspecifieke procesverlopen optimaal worden ingesteld. Voor de veilige bewaking van de afdichting van de klepzitting adviseert GEA Tuchenhagen de fabrieksinstelling zonder signaaldemping. Voor schade, die door het gebruik van signaaldemping ontstaat, is GEA Tuchenhagen niet aansprakelijk.
Bedrijf en bediening Bedieningsoverzicht Bedieningsoverzicht Ausgangssituation: T.VIS spannungslos! Erstinbetriebnahme (unprogrammiert; Wiederinbetriebnahme (programmiert; Service autom. Tastensperre nach erfolgreichem SETUP) Tastensperre 30 Sek. nach Betriebsspannung Ein) Montage / Demontage Störung detektiert Störung detektiert Montage Ventileinsatz Entscheidung: Einsatz gemäß Typschlüssel ? Entscheidung: Neuer SETUP erforderlich? nein nein ‐ beide Tasten Taste 3…7s drücken gedrückt halten Betriebsspannung Ein Betriebsspannung Ein Betriebsspannung Ein Betriebsspannung Ein Betriebsspannung Ein Betriebsspannung Ein Betriebsspannung Ein Hauptantrieb wird aktiviert um Federspannung Default standard Default special aufzuheben! Achtung! 3x rot blinken/Pause 2x rot blinken/Pause Bei Abschaltung der Betriebs‐...
Pagina 104
Bedrijf en bediening Bedieningsoverzicht Erste Inbetriebnahme oder Wieder‐Inbetriebnahme unter Prozessbedingungen! Ausgangssituation: T.VIS A‐15 spannungslos! Erstinbetriebnahme (unprogrammiert; Wiederinbetriebnahme (programmiert; autom. Tastensperre nach erfolgreichem SETUP) Tastensperre 30 Sek. nach Betriebsspannung Ein Störung detektiert Störung detektiert Entscheidung: Einsatz gemäß Typschlüssel? Entscheidung: Neuer SETUP erforderlich? nein ‐ Tasten drücken 3…7s Power off Betriebsspannung Ein Betriebsspannung Ein Betriebsspannung Ein Betriebsspannung Ein ‐ Default Standard Default Sonder Tasten drücken 3…7s 3x rot blinken/Pause 2x rot blinken/Pause Programmiermodus gestartet Dauerlicht rot (SETUP aktiviert) ‐...
Pagina 105
Bedrijf en bediening Bedieningsoverzicht Afb.76 430BAL010699NL_9 01.02.2024...
Pagina 106
Bedrijf en bediening Afb.77 430BAL010699NL_9 01.02.2024...
Reiniging Reiniging Reiniging Reiniging Veiligheidsgegevensbladen van de reinigingsmiddelenfabrikanten in acht nemen! Alleen reinigingsmiddelen gebruiken die kunststof en de gebruikte afdichtingsmaterialen niet aantasten en niet schuren. Verklaring ! Let er na elke reiniging op dat de stuurkop verder aan alle veiligheidsinstructies van deze gebruiksaanwijzing voldoet en daarmee wordt gebruikt zoals beoogd.
Onderhoud Veiligheidsvoorschriften Onderhoud 10.1 Veiligheidsvoorschriften Onderhoud en reparatie Voorafgaand aan onderhouds- en reparatiewerkzaamheden aan elektrische installaties van de component moeten de volgende handelingen conform de "5 veiligheidsregels" worden uitgevoerd: Vrijschakelen • Beveiligen tegen hernieuwd inschakelen • Spanningsloze toestand vaststellen • Aarden en kortsluiten •...
Onderhoud Inspecties De component moet voor de demontage worden uitgeschakeld en tegen • herinschakeling worden beveiligd. Werkzaamheden mogen pas beginnen wanneer de resterende restenergieën zijn verdwenen. Verbreek alle energie- en voedingsaansluitingen. • Markeringen, bijv. bij leidingen mogen niet worden verwijderd. •...
Onderhoud Onderhoudsintervallen Controleren of schroefverbinding tussen kap en opzetstuk goed vastzit. Indien nodig, alle drie de schroeven met 2 Nm bevestigen. ® Klaar 10.3 Onderhoudsintervallen Om een optimale bedrijfsveiligheid te garanderen, dienen alle slijtdelen met grotere intervallen te worden vervangen. Op de praktijk afgestemde onderhoudsintervallen kunnen alleen door de gebruiker worden bepaald, omdat die afhankelijk zijn van de toepassingsvoorwaarden, bijvoorbeeld:...
Onderhoud Stuurkop in zijn onderdelen demonteren De klemring (15) verwijderen. De stuurkop verticaal van de klep aftrekken. ® De groene LED gaat uit na 5 s en de gele LED knippert. ® Klaar 10.5 Stuurkop in zijn onderdelen demonteren 10.5.1 Varianten van de stuurkop De stuurkop kan uitgerust zijn met: 3 stuurkleppen (63) en zonder of met 1 logisch element NOT (64) of...
Onderhoud Stuurkop in zijn onderdelen demonteren 10.5.3 Printplaat demonteren Voer de volgende stappen uit: De schroeven (77) losmaken en verwijderen. Afb.81 Verklaring ! IO-Link-versie is te herkennen aan de sticker. Alle kabels van de printplaat (43) verwijderen. ® Klaar Verklaring ! Ter voorkoming of minimalisering van een mogelijke beschadiging door elektrostatische ontlading: Let op de vereisten van DIN EN 61340-5-1 en 5-2.
Onderhoud Stuurkop in zijn onderdelen demonteren Afb.82 Sensormodule (9) van de bodemplaat aftillen. ® Klaar 10.5.6 Logica-element NOOD (afdichtingspakket) demonteren Voorwaarde: Logisch element NOT alleen in combinatie met pneumatisch blok T.VIS/NOT • mogelijk! Voer de volgende stappen uit: Schroeven (67) losmaken en logica-element NOOD (64) met vlakafdichting en adapterplaat (64.1) verwijderen.
Onderhoud Stuurkop in zijn onderdelen demonteren ! Het logica-element NOOD met adapterplaat en afdichting op het pneumatiekblok (8) volgens de afbeelding positioneren. ! Bij het inbrengen en vastdraaien van de schroeven erop letten om bestaande schroefdraadgaten te gebruiken. Afb.84 ® Klaar Verklaring ! Montagefouten kunnen tot storingen leiden, omdat er dan geen sprake...
Pagina 115
Onderhoud Stuurkop in zijn onderdelen demonteren Waarschuwing Lange inschakelduur en hoge omgevingstemperatuur. Verbrandingsgevaar bij het stuurventiel ► Voor demontage laten afkoelen. Voer de volgende stappen uit: Elektrische aansluiting van het stuurventiel naar de pico blade op printplaat (43) losmaken. Schroeven (66) losmaken en stuurventiel (63) van het pneumatisch blok (8) verwijderen.
Onderhoud Stuurkop in zijn onderdelen demonteren 10.5.9 Pneumatisch blok demonteren Voorwaarde: Wanneer alleen O-ringen (42) en (55) vervangen moeten worden, kunnen • stuurventielen (63)/regelplaat (65) en element NOOD (64) op het pneumatisch blok (8) blijven. Voer de volgende stappen uit: De schroeven (57.1, 57.2) losmaken.
Onderhoud Onderhoud Omschrijving Aanhaalmomenten Inschroefsnelkoppeling 2,0 Nm Geluiddemper 2,0 Nm Afsluitschroef 0,5 Nm Sluitstop Geluiddemper 2,0 Nm O-ring Voer de volgende stappen uit: Pneumatische aansluitingen conform de identificaties bij de stuurkop tot stand brengen. ® Klaar 10.7 Onderhoud 10.7.1 Afdichtingen op het opzetstuk vervangen Bij VARIVENT-aandrijvingen met een ontluchtingsgat in het aandrijfdeksel moet de stuurkop zonder O-ring (54) worden gemonteerd! Afb.91...
Onderhoud Onderhoud Afb.92 Voorwaarde: Alleen smoorklep (21.1) en geluidsdemper (26) gebruiken, die in de lijsten • met reserveonderdelen zijn genoemd, zie Hoofdstuk 13, pagina 125. Voer de volgende stappen uit: Geluidsdemper (21, 26), terugslagklep (26.1), filter (5.1) en afvoerlucht- smoorklep (21.1) op vrije uitstroming van de stuurlucht controleren en, indien nodig, vervangen.
Pagina 120
Onderhoud Afb.93 Voer de volgende stappen uit: Kap (7) met drie schroeven (25) op opzetstuk (5) bevestigen met een aanhaalmoment van 2 Nm. Klaar ® 430BAL010699NL_9 01.02.2024...
Storingen Storingen en hulpmiddelen voor het verhelpen Storingen 11.1 Storingen en hulpmiddelen voor het verhelpen Bij functiestoringen moet u het ventiel onmiddellijk uitschakelen en beveiligen tegen opnieuw inschakelen. Storingen mogen uitsluitend door gekwalificeerd personeel worden opgelost met inachtneming van de veiligheidsvoorschriften. Storing, signalering, oorzaak, oplossing Storing Signalering...
Pagina 122
Minimumslag bij het Liftslag corrigeren liften van de klepschotel is niet bereikt Op de PLC geen Rode led knippert T.VIS A-15 in Programmeren terugkoppeling, fabrieksinstelling en volgens hoewel een van de nog niet bedieningsoverzicht, eindposities is bereikt geprogrammeerd zie Gedeelte 8.3,...
Storingen Reset uitvoeren – terug naar default standaard Storing, signalering, oorzaak, oplossing Storing Signalering Oorzaak Oplossing Continu brandende T.VIS A-15 zojuist in Wachten tot de rode led programmeermodus is programmeermodus beëindigd Rode LED knippert T.VIS A-15 heeft Controle van de...
Buitenbedrijfname Veiligheidsvoorschriften Buitenbedrijfname 12.1 Veiligheidsvoorschriften Bij de buitenbedrijfstelling gelden de volgende basisprincipes: Schakel de perslucht uit. • Schakel de component uit met de hoofdschakelaar. • Beveilig de hoofdschakelaar (mits aanwezig) met een hangslot tegen • hernieuwd inschakelen. De sleutel van het hangslot moet tot hernieuwde inbedrijfstelling bij de verantwoordelijke persoon worden afgegeven.
Pagina 131
- Steunhuls (alleen bij IO-link) 933-949 933-949 933-949 933-949 - Schroefdraadvormschr. (alleen bij IO- 514-768 514-768 514-768 514-768 link) - Ronde stekkerconnector M12/3adr 508-039 508-039 508-039 508-039 Adapter 4PV 221-589.111 # Plaatshouder voor versiestatus (neem bij vragen contact op met GEA Tuchenhagen) 430BAL010699NL_9 01.02.2024...
Pagina 132
Reserveonderdelenlijst - stuurkop T.VIS A-15 Pos. Benaming Materiaal Productnr. 21.1 Drosselventiel G 1/8 MS/vern. 603-042 Voor reductie van de sluitsnelheid van de hoofdslag (afvoerluchtuitgang met geluiddemper pos. 21) 21.2 Drosselventiel G 1/8 MS/vern. 603-042 Voor reductie van de openingssnelheid van de hoofdslag (aansluiting met inschroefbare insteekaansluiting pos.
Pagina 134
Reserveonderdelenlijst - Schakelstang T.VIS A-15 Pos. Benaming Materiaal Productnr. Toepassing Schakelstang PA6/GK30 221-589.104 Standaard voor alle kleppen behalve voor schijfkleppen T- smart 7 en gelifte kleppen R; T_R; L; M_O(06); MT/T_R(08); M/2.0 Ring T.VIS®/ECO Noryl/GFN2 221-002396 Extra bij pos. 1, alleen voor ECOVENT-kleppen en kleppen...
Bijlage Mappen Bijlage 17.1 Mappen 17.1.1 Afkortingen en begrippen Afkorting Verklaring Britse standaard Maateenheid voor de druk [bar] Alle drukgegevens [bar/psi] staan voor overdruk [barg/psig], tenzij dit expliciet anders wordt vermeld. circa °C Maateenheid voor de temperatuur [graden Celsius] Eenheid voor het volume [kubieke decimeter] nominaal volume (standaardliter) Nominale DIN-doorlaat Duitse norm van de DIN (Deutsches Institut für Normung...
Pagina 140
Bijlage Afkorting Verklaring Maateenheid voor arbeid [Newtonmeter] AANDUIDING VOOR HET KOPPEL: 1 Nm = 0,737 lbft Pound-Force/pondkracht (lb) + Feet/voet(ft) Polyamide PE-LD Polyethyleen, lage dichtheid Polytetrafluorethyleen Anglo-Amerikaanse drukeenheid [pound-force per square inch] Alle drukgegevens [bar/psi] staan voor overdruk [barg/psig], tenzij dit expliciet anders wordt vermeld. PTFE Polytetrafluorethyleen zelflerende installatie...