Generatormodus
De stroombronnen zijn geschikt voor gebruik met een generator.
Voor de dimensionering van het vereiste generatorvermogen is het maximale
schijnbare vermogen S
Het maximale schijnbare vermogen S
den berekend:
S
1max
I
1max
Het benodigde schijnbare vermogen van de generator S
de volgende formule worden berekend:
S
GEN
Als er niet met maximaal vermogen wordt gelast, kan een kleinere generator wor-
den gebruikt.
BELANGRIJK! Het schijnbare vermogen van de generator S
zijn dan het maximale schijnbare vermogen S
Er bij het gebruik van éénfasige apparaten op driefasige generatoren rekening
mee houden dat het aangegeven schijnbare vermogen van de generator vaak
slechts als geheel via alle drie de fases van de generator ter beschikking zal
staan. Eventuele extra informatie over het éénfasige vermogen van de generator
kan via de fabrikant van de generator worden verkregen.
OPMERKING!
De aangegeven generatorspanning mag in geen geval hoger of lager zijn dan het
toegestane bereik van de netspanningstolerantie.
De gegevens ten aanzien van de netspanningstolerantie vindt u in de paragraaf
'Technische gegevens'.
van de stroombron vereist.
1max
= I
x U
1max
1
en U
volgens het kenplaatje van het apparaat of de technische gegevens
1
= S
x 1,35
1max
van de stroombron kan als volgt wor-
1max
kan aan de hand van
GEN
GEN
van de stroombron!
1max
mag niet kleiner
21