BEHEER BIJKOMENDE ZONE
Er zijn 7 programmeerbare periodes voor elke zone en ze kun-
nen worden gekozen door het nummer te veranderen dat naast
de tekst "programmering periode" verschijnt.
Het "Setpoint Comfort" is het setpoint dat wordt ingesteld voor
de door de zone gedekte omgeving tijdens de binnen de pe-
riode bepaalde actieve tijdsspanne. Het setpoint kan worden
ingesteld tussen tien en veertig graden.
Door de standaardwaarde van 20°C in te stellen als "Setpoint
Comfort", is de klimaatcurve die het zonesetpoint regelt precies
dezelfde als de curve die is ingesteld in de paragraaf Instelling
van de parameters van de klimaatcurve van de zone (alleen toe-
gankelijk met het wachtwoord van de installateur) op pagina 75.
Door de waarde van de "Setpoint Comfort" te variëren, wordt de
klimaatcurve omhoog- of omlaaggebracht naargelang de waar-
de van het setpoint hoger of lager is dan 20°C. De verplaatsing
van de curve van de twee graden voor elke graad van verschil
tussen de ingestelde setpointwaarde en de waarde 20.
Het "Setpoint ECO" is een setpoint dat kan worden ingesteld tus-
sen 5 en 20 graden en kan worden gekozen als setpoint voor de
door de zone gedekte omgeving buiten de actieve tijdsspanne.
De parameter "Setpoint buiten het interval" bepaalt op welke
manier de zone wordt beheerd buiten de actieve tijdsspannes
(binnen deze tijdsspannes is het setpoint van de omgeving altijd
ingesteld op "comfort").
De keuzes voor het "Setpoint buiten het interval" zijn de vol-
gende:
− Eco: Het omgevingssetpoint wordt ingesteld op ECO. Het
zonesetpoint wordt gewijzigd met twee graden minder
voor elke graad van verschil tussen het setpoint ECO en
de waarde 20 (bijvoorbeeld, als ik bij 20° een setpoint
van 50 heb, dan heb ik bij 18 graden een setpoint van
50+2*(18-20)=46.
− Beperkt: Het zonesetpoint wordt beperkt met 10 graden
in vergelijking met de waarde van het ingestelde zone-
setpoint voor een temperatuur comfort = 20°.
− Antivries: het omgevingssetpoint wordt ingesteld op 5°C,
wat dus voor een beperking van 30 graden zorgt in ver-
gelijking met het setpoint comfort.
− Off: in dit geval wordt de warmtedistributie onderbro-
ken.
− Comfort: Het setpoint blijft gelijk aan dat van de actie-
ve tijdsspannes. Deze keuze heeft natuurlijk geen zin
wanneer er een programmering gewenst is, maar ze kan
nuttig zijn wanneer men een continue warmtevoorzie-
ning wil zonder de programmering zelf aan te passen.
9
Opdat de zone werkt met de programmering, moet het con-
tact "verzoek om warmte" gesloten zijn. De zone zal daar-
entegen eender welk verzoek van de programmeerbare
schakelklok negeren.
4.6 Programmering van de tijdsspannes
Ga naar:
Menu → "Uurprogramma" → "Program. CH-zone"
Externe Zone
1
"
"
Prog. Comfort Periode
"
Comfort Setpoint
"
"
Eco Setpoint
"
"
Buiten Interval Setpoint
"
Ga naar "Programmering Periode":
Externe Zone
Groep
1
1 -
Periode
"
"
"
"
"
Actieve Dag(en)
Prog. Comfort Periode
Maandag-Zondag
"
"
"
"
Comfort Setpoint
Interval 1
07:10
"
"
"
"
Interval 2
Eco Setpoint
00:00
"
"
"
"
Buiten Interval Setpoint
Interval 3
00:00
"
"
"
Door middel van de optie "Actieve Dagen" kan de periode van
de programmering worden geselecteerd. Er kan een weekdag
worden geselecteerd of een van deze drie groepen van dagen:
− Ma-Zo
− Ma-Vr
− Za-Zo
Op deze manier wordt de wekelijkse programmering of de ge-
scheiden programmering van weekdagen en weekends een-
voudiger.
Er zijn drie actieve tijdsspannes voor elke periode. Het uur kan
met stappen van 10 minuten wordt bepaald.
76
1
"
20.0
°C
"
"
5.0
°C
"
"
Vorstbeveiliging
"
"
1
"
71
"
"
11:00
28.0
°C
"
"
00:00
20.0
°C
"
"
00:00
Gereduceerd
"
"
"
"