Herstel na schijfstoring
Capaciteit uitbreiden en vergroten
Bij uitbreiding van de array-capaciteit voegt u fysieke schijfeenheden toe aan
een array die al is geconfigureerd. De capaciteit van deze toegevoegde fysieke
schijfeenheden kan vervolgens worden toegevoegd aan een bestaande logische
schijfeenheid in de array (capaciteit vergroten; zie het volgende gedeelte), of kan
worden geconfigureerd tot een nieuwe logische schijfeenheid.
Het vergroten van de capaciteit van een logische schijfeenheid gebeurt
gewoonlijk nadat de array is uitgebreid.
Het uitbreiden en vergroten van de capaciteit wordt uitgevoerd met ACU.
U hoeft geen backup van gegevens te maken en deze te herstellen, zelfs niet
in niet-fouttolerante configuraties.
Als u hot-pluggable schijfeenheden gebruikt, kan de uitbreiding online worden
uitgevoerd (dat wil zeggen, zonder het besturingssysteem af te sluiten). Online
vergroting kan alleen worden uitgevoerd als dit wordt ondersteund door het
besturingssysteem.
Opmerking:
moet u de schijf upgraden naar DYNAMIC
Als de schijf al een partitie heeft bij het upgraden naar DYNAMIC, is het mogelijk
dat Windows 2000 uitbreiding van de logische schijfeenheid niet toestaat. Raadpleeg
de documentatie bij Windows 2000 voor meer informatie over dynamische
schijfeenheden en standaardschijfeenheden.
Opmerking:
schijfeenheid maken. Als u meer partities maakt, is de extra schijfruimte mogelijk
niet beschikbaar.
86
Voorzichtig:
Maak een backup van alle gegevens voordat u schijfeenheden
verplaatst of configuraties wijzigt. Als u dit niet doet, kunnen gegevens
verloren gaan. Voer het hulpprogramma Array Configuration uit voordat
u schijfeenheden en arrays verplaatst.
Wanneer u een logische schijfeenheid uitbreidt onder Windows 2000,
In Windows NT 4.0 kunt u slechts vier partities op een logische
voordat
u een partitie op die schijf maakt.
MSA1000 gebruikershandleiding