• Verwijder obstakels zoals stenen, boomtakken, enz.
uit het maaigebied, of markeer deze. In hoog gras
zijn obstakels niet altijd zichtbaar.
• Let op greppels, kuilen, stenen, gaten en verhogingen
in het maaigebied die de werkhoek veranderen,
omdat de machine kan omkantelen op oneffen
terrein.
• Start nooit plotseling heuvelopwaarts op een helling,
want dit kan tot gevolg hebben dat de machine
achteroverkantelt.
• Houd er rekening mee dat de wielen hun grip
kunnen verliezen tijdens een afdaling. Als het
gewicht wordt verplaatst naar de voorwielen, kunnen
de aandrijfwielen gaan slippen en kunt u niet meer
remmen of sturen.
• Nooit starten of stoppen op een helling. Als
de wielen grip verliezen, moet u de maaimessen
uitschakelen en de heuvel langzaam afrijden.
• U kunt de stabiliteit verbeteren door wielgewichten
of contragewichten te gebruiken volgens de
aanwijzingen van de fabrikant.
• Wees uiterst voorzichtig met werktuigen. Deze
kunnen de machine minder stabiel maken, waardoor
de kans ontstaat dat u de macht over de machine
verliest.
De omkantelbeveiliging (rolbeugel)
gebruiken
• Houd de rolbeugel in de opgeheven en vergrendelde
positie en doe de veiligheidsgordel om als u de
machine gebruikt.
• Zorg ervoor dat u de veiligheidsgordel in een
noodgeval snel kunt losmaken.
• Denk erom dat er geen omkantelbeveiliging is als de
rolbeugel omlaag is geklapt.
• Controleer het maaigebied en klap de
omkantelbeveiliging nooit omlaag op golvend
terrein, steile hellingen of in de buurt van aflopende
waterkanten.
• Klap de rolbeugel uitsluitend omlaag als dit absoluut
noodzakelijk is. Doe de veiligheidsgordel niet om
als de rolbeugel omlaag is geklapt.
• Let goed op dat er voldoende ruimte boven de
machine is (denk aan takken, deuropeningen,
elektrische kabels) voordat u onder een object rijdt
en zorg ervoor dat u dit niet raakt.
Geluidsniveau
Opmerking: De gegevens in dit hoofdstuk zijn
uitsluitend van toepassing op machines waarop het
EU-logo is aangebracht.
Modellen 30363 TC en 30363 TE
Deze machine heeft een geluidsniveau van 103 dBA met
een onzekerheidswaarde (K) van 1 dBA.
Het geluidsniveau werd bepaald volgens de procedures
in ISO 11094.
model 30461
Deze machine heeft een geluidsniveau van 101 dBA met
een onzekerheidswaarde (K) van 1 dBA.
Het geluidsniveau werd bepaald volgens de procedures
in ISO 11094.
model 30462
Deze machine heeft een geluidsniveau van 102 dBA met
een onzekerheidswaarde (K) van 1 dBA.
Het geluidsniveau werd bepaald volgens de procedures
in ISO 11094.
Modellen 30464 en 30464 TC
Deze machine heeft een geluidsniveau van 102 dBA met
een onzekerheidswaarde (K) van 1 dBA.
Het geluidsniveau werd bepaald volgens de procedures
in ISO 11094.
Model 30465 TC
Deze machine heeft een geluidsniveau van 102 dBA met
een onzekerheidswaarde (K) van 1 dBA.
Het geluidsniveau werd bepaald volgens de procedures
in ISO 11094.
Geluidsdruk
Opmerking: De gegevens in dit hoofdstuk zijn
uitsluitend van toepassing op machines waarop het
EU-logo is aangebracht.
Modellen 30363 TC en 30363 TE
Deze machine oefent een geluidsdruk van 90 dBA
uit op het gehoor van de bestuurder (met een
onzekerheidswaarde (K) van 1 dBA).
De geluidsdruk werd bepaald volgens de procedures in
EN 836.
model 30461
Deze machine oefent een geluidsdruk van 87 dBA
uit op het gehoor van de bestuurder (met een
onzekerheidswaarde (K) van 1 dBA).
7