•
Elk meetpunt kan na het selecteren van het station individueel worden verwijderd
•
Alle meetpunten kunnen tegelijkertijd worden verwijderd als het station wordt gewist
Bij het wissen van meetpunten moet uiterst zorgvuldig te werk worden gegaan. Als bijv. een station
wordt gewist en daarmee alle aangekoppelde meetpunten, kunnen een groot aantal meeturen of het
werk van een dag verloren gaan.
Gegevenselementen van meetpunten
•
Pkt-N
•
N(x)
•
O(y)
•
H(Z)
•
Attributen 1 – 5
•
Hh
•
Hv
•
Ah
•
hr
•
ppm
Voor een geselecteerd meetpunt kunnen de bijbehorende attributen uit de applicatie Meet & registreer
worden weergegeven.
Meetpunten kunnen voor de stationering en oriëntatie worden gebruikt, maar niet voor de toekenning van
grafische elementen, zoals lijnen en bochten voor de applicatie Referentielijn.
11.2.3.3 Doelzoeken
Hier worden gesorteerd op het puntnummer alle vaste punten en alle meetpunten met de overeenkomstige
typeaanduiding (vast punt of meetpunt) weergegeven. Daarbij kunnen de punten in een grafiek, een lijst of
na elkaar worden weergegeven.
1. Apparaat draaien, om punt te selecteren
2. HA en VA instellen
3. Prisma selecteren
4. Dialoog bevestigen
5. De perspectieven in het vlakaanzicht vervangen
6. Naar GPS-zoeken wisselen
7. Meetmodus selecteren
8. Automatisch prismazoeken starten
Het dialoogvenster "Doelzoeken" helpt om het prisma te vinden nadat
Er zijn drie verschillende modi:
9. Joystick - Gebruik de joystick op het display.
Als alternatief kunt u de knoppen rechtsboven voor de instelling gebruiken.
10. Vlakaanzicht - Kies een punt uit.
Als alternatief kunt u op een wit oppervlak in het vlakaanzicht.
Het apparaat richt zichzelf uit en VA wordt automatisch op 90 ° ingesteld.
11. Prismazoeken - Kies Prismazoeken.
104
Nederlands
Printed: 08.05.2018 | Doc-Nr: PUB / 5179015 / 000 / 05