5.8
VLT/VGA-systeem
5.8.1
Aanwijzingen en informatie bij de C63
installatie
Het product mag niet aan een cascadeverbrandingsgassys-
teem of een gemeenschappelijk VLT/VGA-systeem worden
aangesloten dat door apparaten met een andere karakteris-
tiek (bijv. HR-toestellen of gasmotoren) wordt gebruikt.
In het gemeenschappelijke VLT/VGA-systeem mag geen
overdruk optreden.
▶
Neem de geldende nationale en plaatselijke voorschriften
voor VGA's in acht, vooral bij installaties in woonruimtes.
Informeer de gebruiker over de juiste bediening van het
product.
–
De verbrandingsgasafvoer moet minstens aan de classifi-
catie EN 1443 – T 200 P1 W 1 voldoen.
–
U moet het VLT/VGA-systeem met een berekening con-
form EN 13384-1 of EN 13384-2 plannen.
–
Bochtstukken mogen niet direct op elkaar volgen omdat
het drukverlies op deze manier enorm verhoogd wordt.
–
De windbeveiligingsvoorziening van het VLT/VGA-sys-
teem moet zo geconfigureerd zijn, dat bij wind een onder-
druk in de verbrandingsgasleiding opgewekt wordt.
–
De mondingen voor de luchtaanzuigbuis en de verbran-
dingsgasafvoer mogen niet op tegenover elkaar liggende
zijden van het gebouw liggen.
–
Onderschrijd aan de toestelaansluiting niet het kleinste
drukverschil van -200 Pa, inclusief windinvloed.
–
Overschrijd aan de toestelaansluiting niet het grootste
drukverschil conform tabel Bepaling van het drukverlies,
inclusief windinvloed.
–
De maximale verbrandingsluchttemperatuur aan de toe-
stelaansluiting mag niet meer dan 40 °C bedragen.
–
Via windinwerking mag maximaal 10% van het verbran-
dingsgas in de luchtaanzuiging recirculeren.
–
Condens uit de verbrandingsgasleiding mag via het ap-
paraat worden afgevoerd.
–
Bevestig het buissysteem zodanig dat een scheiding van
de verbindingspunten veilig wordt verhinderd.
5.8.2
Gemeenschappelijke verbrandingslucht-
/verbrandingsgasbuis
De aansluiting aan de VLT/VGA-leiding moet volgende af-
metingen hebben:
14
L
1
DA
60 ± 0,5 mm
100 ± 0,5 mm
60/100
80 ± 0,5 mm
125 ± 0,5 mm
80/125
5.8.3
VLT/VGA monteren en aansluiten
1.
De bruikbare VLT/VGA's voor de systeemgecertifi-
ceerde verbrandingslucht-/verbrandingsgasleidin-
gen vindt u in de bijgevoegde montagehandleiding
VLT/VGA.
Aanwijzing
Standaard zijn alle producten uitgerust met
een gescheiden verbrandingslucht-/verbran-
dingsgasaansluiting ⌀ 80/80 mm. Dit stan-
daardaansluitstuk kan indien nodig door een
concentrische verbrandingslucht-/verbran-
dingsgasaansluiting met ⌀ 60/100 of 80/125
mm vervangen worden. De keuze van het
meest geschikte systeem is afhankelijk van
de specifieke inbouwsituatie of toepassing.
2.
Zie voor de toepasbare leidinglengten de verbran-
dingsluchttoevoer/rookgasafvoer van andere fabrikan-
ten de tabellen (→ Bijlage B).
Voorwaarde: Installatie vochtige ruimte
▶
Sluit het product absoluut op een van de omgevingslucht
onafhankelijke VLT/VGA aan. De verbrandingslucht mag
niet uit de opstelplaats genomen worden.
▶
Monteer de VLT/VGA conform de meegeleverde monta-
gehandleiding.
Installatie- en onderhoudshandleiding 0020297502_04
L
2
D
D
A
L
DL
L1
L2
min.
15 mm
35 mm
min.
20 mm
35 mm