Stap
Procesfase
1.
Voorbereiden
2.
Vacuümtrekken
Vacuüm
Vacuüm+
Gas (optie)
Gas+ (optie)
Bediening
De bediener doet het product in een vacuümzak en plaatst
deze op de werkplaat met de opening op de sealpositie.
Het vacuümproces wordt gestart door het deksel te sluiten.
Afhankelijk van de opties die u hebt gekozen voor uw
machine en het product dat u verpakt, zijn de volgende
functies beschikbaar:
Tijdens de cyclus wordt de lucht uit de kamer verwijderd
tot de ingestelde tijd of druk bereikt is, afhankelijk van de
gekozen uitvoering.
Vacuüm trekken tot een ingestelde waarde is alleen
mogelijk met een sensorbesturing (optioneel voor 10-
programmabesturing. Deze waarde kan ingesteld worden
in %. Het percentage geeft de diepte van het vacuüm aan.
De druk van de buitenlucht is hierbij 0%. Bij het Advanced
Control System (ACS) wordt de waarde in procenten, mbar
of hPa weergegeven.
Vacuüm+ is alleen beschikbaar indien het
vacuümpercentage is ingesteld op maximaal.
Vacuüm+ is een optie die het vacuümproces voortzet met
extra tijd, om de mogelijkheid te creëren eventuele lucht die
gevangen zit in het product, te laten ontsnappen.
Vacuüm+ is alleen mogelijk in combinatie met
sensorbesturing.
Na het vacuümtrekken wordt er een gas in de verpakking
geïnjecteerd zodat er een gemodificeerde atmosfeer
ontstaat om de vorm van het product te beschermen of de
houdbaarheid van het product te verlengen. De waarde van
de gasfunctie kan, afhankelijk van het type besturing, worden
ingevoerd in %, mbar of hPa of tijd.
Gas+ is een optie die het injecteren van gas voortzet tijdens
het sluiten van de balken om de hoeveelheid gas in de
verpakking te vergroten. Zie Gas+ (optie) op pagina 33.
Beschrijving van de machine
15