FC 300 Programmeerhandleiding
16-22 Koppel [%]
Range:
0%*
[-200 - 200%]
16-25 Koppel hoog
Range:
0,0 Nm*
[-200000000,0-200000000,0 Nm]
3.16.4 16-3* Status omvormer
Parameters voor het aangeven van de status van de frequentieomvormer.
16-30 DC-aansluitsp.
Range:
0 V*
[0-10000 V]
16-32 Remenergie/s
Range:
0 kW*
[0-675.000 kW]
16-33 Remenergie/2 min.
Range:
0.000kW*
[0.000 - 500.000 kW]
16-34 Temp. koellich.
Range:
0 °C*
[0-255 °C]
16-35 Inverter therm.
Range:
0 %*
[0 - 0 %]
16-36 Geïnv. nom. Stroom
Range:
A*
[0.01 - 10000.00 A]
16-37 Geïnv. Max. Stroom
Range:
A*
[0.01 - 10000.00 A]
16-38 SL-controllerstatus
Range:
0*
[0 - 100]
Functie:
De getoonde waarde is het koppel als een percentage van het nominale koppel, met teken, dat aan
de motoras wordt geleverd.
Functie:
Geef de koppelwaarde, inclusief teken, weer die wordt geleverd aan de motoras. Sommige motoren
leveren een koppel hoger dan 160%. De min. waarde en max. waarde zijn dan ook afhankelijk van
de max. motorstroom en de gebruikte motor. Deze specifieke uitlezing is aangepast om waarden
weer te kunnen geven die hoger zijn dan de standaard uitlezing in parameter 16-16.
Functie:
Geef een gemeten waarde weer. De waarde wordt gefilterd via een tijdconstante van 30 ms.
Functie:
Geef het remvermogen weer dat naar een externe remweerstand wordt overgebracht, weergegeven
als een momentane waarde.
Functie:
Geef het remvermogen weer dat naar een externe remweerstand wordt overgebracht. Het gemid-
deld vermogen wordt berekend als een gemiddelde over de laatste 120 seconden.
Functie:
Geef de temperatuur van het koellichaam van de frequentieomvormer weer. De uitschakellimiet is
90 ± 5 °C en de eenheid schakelt opnieuw in bij 60 ± 5 °C.
Functie:
Geef de procentuele belasting op de inverter weer.
Functie:
Geef de waarde van de nominale stroom van de inverter weer. Deze waarde moet overeenkomen
met de gegevens op het motortypeplaatje van de aangesloten motor. De gegevens worden gebruikt
voor het berekenen van het koppel, de motorbeveiliging en dergelijke.
Functie:
Geef de maximale stroom van de inverter weer. Deze waarde moet overeenkomen met de gegevens
op het motortypeplaatje van de aangesloten motor. De gegevens worden gebruikt voor het bere-
kenen van het koppel, de motorbeveiliging en dergelijke.
Functie:
Geef de status weer van de gebeurtenis die wordt uitgevoerd door de SL-controller.
®
MG.33.M4.10 – VLT
is een geregistreerd handelsmerk van Danfoss
3 Parameterbeschrijving
3
161