8.4
Digitale ingangen
De digitale ingangen zijn vrij programmeerbaar. Geef in onderstaande tabel aan op welke ingang de
regenmelder aangesloten is.
Keuze:
OPT 25
Ingang 1
OPT 26
Ingang 2
OPT 27
Ingang 3
Opmerkingen
De 2
e
regenmelder is bedoeld voor het aanpassen van de gordijnenpositie op basis van de regenzijde.
Regenmelder 1 heeft invloed op gordijn 1 en regenmelder 2 heeft invloed op gordijn 2.
De digitale ingang 'melding tunnelventilatie' is nodig wanneer er meerdere Sirius-computers in een stal
worden toegepast in combinatie met tunnelventilatie. Eén Sirius bepaalt dan of de installatie in
tunnelventilatie komt. De overige Sirius-computers ontvangen via deze digitale ingang de melding dat
tunnelventilatie actief is. Deze Sirius-computers kunnen dan de gordijnopening aanpassen zodra
tunnelventilatie actief wordt. Zie ook hoofdstuk 10.3.
Naast deze digitale ingang dient dan ook een analoge of digitale ventilatie-uitgang toegewezen te worden.
Deze uitgang hoeft in werkelijkheid niet gebruikt te worden maar is noodzakelijk om in de software
gordijnaanpassingen door tunnelventilatie te kunnen instellen (zie hoofdstuk 8.5 of 8.6 voor het toewijzen
van analoge of digitale uitgangen).
8.5
Analoge uitgangen
De analoge uitgangen zijn vrij programmeerbaar. Geef in onderstaande tabel aan op welke uitgang de
diverse onderdelen aangesloten zijn. Tevens kan men hier de minimale en maximale uitgestuurde spanning
aangeven.
Analoge uitgangen
OPT 31
0-10V Uitgang 1
31.1
min / max
OPT 32
0-10V Uitgang 2
32.1
min / max
OPT 33
0-10V Uitgang 3
33.1
min / max
OPT 34
0-10V Uitgang 4
34.1
min / max
3.19/NLD/Mei 2016
Digitale ingangen
Regenmelding 1
Keuze :
Ventilatie
/
/
/
/
Installatieprocedure
Regenmelding 2
Gordijn 1
V
/
V
V
/
V
V
/
V
V
/
V
- Handleiding Sirius-CU
Melding tunnel-
ventilatie
Gordijn 2
Verlichting 1
/
V
/
/
V
/
/
V
/
/
V
/
V
V
V
V
61