Problemen oplossen
Storingen
Er zijn verschillende categorieën storingen die kunnen optreden op het apparaat en verschillende
manieren waarop deze worden geïdentificeerd, afhankelijk van de soort storing die optreedt. In dit
gedeelte wordt een overzicht gegeven van de verschillende soorten storingen en de manier waarop
deze worden weergegeven en geregistreerd.
Het apparaat kent drie soorten storingen: uitschakelstoringen, door de gebruiker op te lossen storingen
en statusberichten. Elke soort storing bevat deelgroepen met storingscategorieën die gerelateerd zijn
aan de gevolgen die de storing heeft voor de werking van het apparaat. Het soort storingsscherm dat
wordt gegenereerd voor elke storing is afhankelijk van de storingscategorie.
Uitschakelstoringen
Bij uitschakelstoringen werkt een deelsysteem, module of onderdeel niet meer naar behoren. Er zijn
drie groepen uitschakelstoringen.
•
Eenvoudige storing - er is sprake van een eenvoudige storing wanneer een deelsysteem of
module niet meer naar behoren functioneert. Als bijvoorbeeld tijdens een nietopdracht een
storing wordt geconstateerd, werken andere toepassingen nog steeds, maar is de nieteenheid niet
beschikbaar.
•
Uitvalstoring - er is sprake van een uitvalstoring wanneer een eenvoudige storing ertoe leidt dat
een belangrijk deelsysteem niet meer naar behoren werkt. Er treedt bijvoorbeeld een storing op
met de reinigingsmodule, waardoor de afdruk- en kopieertoepassingen niet meer werken.
Fatale storing - er is sprake van een fatale storing wanneer er een onherstelbare storing optreedt
•
die het hele systeem betreft. Een stroomstoring kan bijvoorbeeld het hele apparaat onbruikbaar
maken.
Door gebruiker te verhelpen storingen
Een door de gebruiker te verhelpen storing is een storing die de gebruiker zelf kan oplossen. Er zijn drie
groepen storingen die door de gebruiker zijn te verhelpen:
•
Eenvoudige storing - er is sprake van een eenvoudige storing wanneer een deelsysteem een door
de gebruiker te verhelpen storing heeft geconstateerd, bijvoorbeeld wanneer de nietjes in een
nieteenheid op zijn. De afdruk- en kopieertoepassingen werken nog steeds, maar de nieteenheid
niet meer.
Uitvalstoring - er is sprake van een uitvalstoring wanneer een eenvoudige storing ertoe leidt dat
•
een belangrijk deelsysteem niet meer werkt. Wanneer het papier bijvoorbeeld is vastgelopen,
werken de afdruk- en kopieerfuncties niet meer totdat de papierstoring is verholpen door de
gebruiker.
•
Reset-storing - een reset-storing kan worden verholpen door het apparaat uit en weer in te
schakelen.
304
ColorQube™ 9201/9202/9203
Algemene zorg en problemen oplossen