Achterpaneel
e
c
1 MASTER 1-aansluitingen
Hierop kunt u luidsprekers met eigen stroomvoorziening enz.
aansluiten.
U moet deze gebruiken als gebalanceerde uitgangsaansluitingen.
Wees voorzichtig dat u niet per ongeluk het stroomsnoer van
een ander toestel probeert aan te sluiten.
Maak niet de aansluiting die fantoomvoeding kan geven.
2 MASTER 2-aansluitingen
Voor aansluiten van een eindversterker e.d.
3 MASTER ATT-niveaukeuzeschakelaar
Stelt het verzwakkingsniveau in van het geluid dat wordt weergege-
ven via de [MASTER 1] en [MASTER 2]-aansluitingen.
— [0 dB]: Het geluidsniveau van de aansluitingen [MASTER 1] en
[MASTER 2] wordt onveranderd uitgevoerd.
— [–6 dB]: Het geluidsniveau van de aansluitingen [MASTER 1] en
[MASTER 2] wordt gehalveerd.
— [–12 dB]: Het geluidsniveau van de aansluitingen [MASTER 1] en
[MASTER 2] wordt met een kwart verminderd.
Het uitgangsniveau van DJM-S9 kan te hoog zijn voor sommige
apparaten die op [MASTER 1] of [MASTER 2] zijn aangesloten. Als
het geluid van het aangesloten apparaat vervormd wordt, schakel
MASTER ATT dan over naar –6 dB of –12 dB.
4 BOOTH-uitgangsaansluiting
Uitgangsaansluingen voor een booth-monitor, geschikt voor symme-
trische of asymmetrische TRS-uitgangsaansluiting.
5 CD/LINE ingangsaansluiting
Aansluiten op een DJ-speler of een lijnuitgangscomponent.
6 PHONO-ingangsaansluitingen
Voor aansluiten op een analoge platenspeler of een ander weerga-
ve-apparaat met een phono-uitgang (MM-element). Sluit hierop geen
DJ-speler of ander apparaat met een gewone lijnuitgang aan.
Om apparatuur te kunnen verbinden met de [PHONO] aansluitingen,
moet de kortsluitstekker uit de aansluitingen verwijderd worden.
Steek deze kortsluitstekker in de [PHONO] aansluitingen wanneer er
niets op is aangesloten om externe ruis te verminderen.
WAARSCHUWING
Houd de kortsluitstekkers buiten bereik van kinderen. Raadpleeg
onmiddellijk een arts indien er onverhoopt één wordt ingeslikt.
5
6
2
7
3
1
6
4
7 SIGNAL GND aansluiting
Sluit hierop de aardingsdraad van een analoge platenspeler aan.
Dit vermindert storende geluiden bij aansluiten van een analoge
platenspeler.
8 MIC-ingangsaansluitingen
Sluit hierop een microfoon aan.
9 MIC-ingangsniveaukeuzeschakelaar
— [MIC]: Selecteer dit als u de microfoon op de [MIC]-aansluiting
aansluit.
— [LINE]: Selecteer dit als u line-uitgangsapparaten op de [MIC]-
aansluiting aansluit.
a Kensington-beveiligingsgleuf
USB-aansluiting
b
Voor aansluiten van een computer.
c POWER-schakelaar
Voor aanzetten en uitschakelen van dit apparaat.
d AUX-ingangsaansluiting
Aansluiten op de uitgangsaansluiting van een extern apparaat
(cd-mengpaneel, sampler, draagbare muziekspeler, enz.).
e AC IN
Aansluiten op een stopcontact met het bijgeleverde netsnoer. Wacht
met aansluiten van het netsnoer totdat eerst alle aansluitingen
tussen de apparatuur onderling compleet zijn gemaakt.
Gebruik alleen het bijgeleverde netsnoer.
5
a
9
8
b
d
9
Nl