Aanvullende informatie
Verhelpen van storingen
! Als u denkt dat er iets verkeerd is met dit toestel, controleer dan de volgende items en raadpleeg [FAQ & DJ software support information] op de
ondersteuningssite van Pioneer DJ en lees daar het gedeelte [FAQ] voor de [DJM-S9].
http://pioneerdj.com/support/
Soms ligt de oorzaak van het probleem bij een ander apparaat. Controleer daarom ook de andere componenten en elektrische apparatuur die
gebruikt wordt. Als u het probleem niet kunt verhelpen, verzoekt u dan uw dichtstbijzijnde officiële Pioneer onderhoudsdienst of uw vakhandelaar
om het apparaat te laten repareren.
! Het toestel werkt mogelijk niet goed vanwege statische elektriciteit of andere externe invloeden. In dergelijke gevallen kunt u de normale werking
herstellen door de stekker even uit het stopcontact te trekken en die er even later weer in te steken.
Probleem
De stroom wordt niet ingeschakeld.
Er klinkt niet of nauwelijks geluid.
Er wordt geen microfoongeluid weer-
gegeven of met een laag volume.
Vervorming in het geluid.
Vervorming in het geluid.
Het starten van de DJ-spaler via de
fader lukt niet.
BEAT FX werkt niet.
Het FILTER-effect wordt niet
toegepast.
Het tempo (BPM) is niet meetbaar of
de gemeten waarde van het tempo
(BPM) is onwaarschijnlijk.
Het gemeten tempo (BPM) verschilt
van het tempo dat staat aangegeven
op de CD.
De MIDI-bedieningsfunctie werkt niet.
Dit apparaat wordt niet herkend nadat
het is aangesloten op een computer.
Het geluid van een computer wordt
niet weergegeven door dit apparaat.
Het BEAT FX-effectgeluid is niet
hoorbaar met de hoofdtelefoon.
Het geluid zal worden vervormd
wanneer een analoge speler wordt
verbonden met de [PHONO] aanslui-
tingen van dit toestel.
Het is ook mogelijk dat de indicator
voor het kanaalniveau niet veranderd,
ook niet wanneer er aan [TRIM] wordt
gedraaid.
36
Nl
Controle
Is het netsnoer naar behoren aangesloten?
Staat de [INPUT SELECT]-schakelaar in de juiste
stand?
Zijn de aansluitsnoeren goed aangesloten?
Zijn de aansluitbussen en de stekkers vuil?
Staat [MASTER ATT] op [–6 dB] of [–12 dB]?
Is de MIC-ingangsniveaukeuzeschakelaar juist
ingesteld?
Is het uitgangsniveau van de geluidsweergave via
de [MASTER]-aansluiting kanaal juist ingesteld?
Is het niveau van het inkomend geluid voor elk
kanaal goed ingesteld?
Is de MIC-ingangsniveaukeuzeschakelaar juist
ingesteld?
Is [Opties voor PAD-MODUS] geselec-
teerd in het tabblad [PREFERENCE] van het
instelhulpprogramma?
Zijn de [BEAT FX SELECT]-toets en de
[LEVEL/DEPTH]-regelaar juist ingesteld?
Staat de [FILTER]-instelling in een geschikte
stand?
Staat het audio-ingangsniveau te hoog of te laag
ingesteld?
—
Zijn alle MIDI-instellingen naar behoren gemaakt?
Is het stuurprogramma wel goed geïnstalleerd op
uw computer?
Zijn dit apparaat en de computer wel juist
aangesloten?
Zijn de instellingen voor de geluidsweergave-appa-
ratuur naar behoren gemaakt?
Staat de [INPUT SELECT]-schakelaar in de juiste
stand?
—
Heeft u een analoge speler aangesloten met een
ingebouwde phono-equalizer?
Is er een audio-interface voor computers aangeslo-
ten tussen de analoge speler en dit toestel?
Oplossing
Steek de netsnoerstekker in het stopcontact.
Zet de [INPUT SELECT]-schakelaar op de ingangsbron van het kanaal.
(pagina 7 )
Zorg dat de aansluitsnoeren juist zijn aangesloten. (bladzijde 11 )
Maak de aansluitbussen en de stekkers schoon voordat u aasluitingen gaat
maken.
Zet de [MASTER ATT]-niveaukeuzeschakelaar op [0 dB]. (bladzijde 9 )
Zet de MIC-ingangsniveaukeuzeschakelaar op [MIC]. (bladzijde 9 )
Verstel de [MASTER LEVEL]-instelling zodanig dat de hoofdniveau-indicator
oplicht bij ongeveer [0 dB] bij het piekniveau. (bladzijde 7 )
Zet [MASTER ATT] op [–6 dB] of [–12 dB]. (bladzijde 9 )
Verstel de [TRIM]-instelling zodanig dat de kanaalniveau-indicator oplicht tot
ongeveer [0 dB] bij het pieksignaalniveau. (bladzijde 7 )
Zet de MIC-ingangsniveaukeuzeschakelaar op [LINE]. (bladzijde 9 )
Selecteer [Opties voor PAD-MODUS] in het tabblad [PREFERENCE] van het
instelhulpprogramma. (bladzijde 35 )
Stel de [BEAT FX SELECT]-toets en de [LEVEL/DEPTH]-regelaar juist in. (blad-
zijde 20 )
Draai de [FILTER]-instelling met de klok mee of er tegenin.
Verstel de [TRIM]-instelling zodanig dat de kanaalniveau-indicator oplicht tot
ongeveer [0 dB] bij het pieksignaalniveau. (bladzijde 7 )
Bij sommige muziekstukken kan het niet goed mogelijk zijn om het tempo (BPM)
te meten. Gebruik de [TAP] toets om het tempo met de hand in te voeren. (blad-
zijde 8 )
De waarden kunnen wel eens ietwat verschillen, vanwege de verschillende
meetmethoden voor het BPM.
Voor gebruik van andere DJ-software dan Serato DJ met dit toestel moeten MIDI-
berichten van dit toestel worden toegewezen aan de DJ-software die u gebruikt.
Raadpleeg de handleiding van de DJ-software voor informatie over het toewijzen.
Installeer het stuurprogramma. Als het reeds geïnstalleerd is, moet u het
opnieuw installeren. (pagina 3 )
Sluit dit toestel en de computer direct op elkaar aan met behulp van de meegele-
verde USB-kabel. (bladzijde 11 )
Stel in op dit apparaat onder de instellingen voor de geluidsweergave-appara-
tuur. Zie voor nadere aanwijzingen over de instellingen voor uw applicatie de
gebruiksaanwijzing voor uw applicatie.
Zet de [INPUT SELECT]-schakelaar in de stand [
De effectgeluiden [ECHO], [REVERB], [DELAY] en [SPIRAL] worden gemaakt na
de verwerking van de crossfader, dus de effectgeluiden kunnen niet beluisterd
worden. Dit is geen defect.
Verbind de analoge speler met de ingebouwde phono equalizer met op de [CD/
LINE]-aansluitingen. (bladzijde 11 )
Als de analoge speler met ingebouwde phono-equalizer een PHONO/LINE
keuzeschakelaar heeft, moet u deze op PHONO zetten.
Als de audio-interface voor computers een uitgangssignaal op lijnniveau heeft,
moet u deze verbinden met de [CD/LINE]-aansluitingen. (bladzijde 11 )
Als de analoge speler een PHONO/LINE keuzeschakelaar heeft, moet u deze op
PHONO zetten.
]. (bladzijde 15 )