Bediening
Starten
1.
Sluit het netsnoer aan op de projector en stop de stekker in een stopcontact.
Schakel het stopcontact in (indien nodig). Controleer of het Power-lampje
(aan/uit) op de projector oranje oplicht nadat de stroom is ingeschakeld.
2.
Verwijder de lensdop. Als u dit niet doet, wordt deze mogelijk vervormd
door de hitte.
3.
Houd de knop
projector twee seconden ingedrukt om het apparaat te starten.
Het Power-lampje (aan/uit) knippert groen en blijft branden als
het apparaat wordt ingeschakeld.
Nadat u op de knop
opstarten ongeveer 30 seconden. In de latere fase van het
opstarten wordt het standaard BenQ-logo weergegeven.
Draai zo nodig aan de focusring om de helderheid van het beeld aan
te passen.
Als de projector nog warm is van de vorige sessie, gaat de
ventilator ongeveer 90 seconden draaien voordat de lamp wordt ingeschakeld.
4.
Schakel alle aangesloten apparatuur in.
5.
De projector gaat zoeken naar ingangssignalen. De gescande invoerbron wordt in het midden van het
scherm weergegeven. Als de projector geen geldig signaal detecteert, blijft het zoekbericht op het scherm
staan tot een invoersignaal wordt gevonden.
U kunt ook op de knop SOURCE (Bron) op de projector of afstandsbediening drukken om het gewenste
invoersignaal te selecteren. Zie
Als de frequentie/resolutie van het ingangssignaal buiten het bereik van de projector valt, wordt het
bericht "Out of Range" (Buiten bereik) weergegeven op een leeg scherm. Selecteer een invoersignaal dat
compatibel is met de resolutie van de projector of stel het invoersignaal op een lager niveau in. Zie
"Timing-diagram" op pagina 47
Schakelen tussen ingangssignalen
De projector kan tegelijkertijd op verschillende apparaten worden
aangesloten. De beelden van deze apparaten kunnen echter niet
tegelijkertijd worden weergegeven. Druk op een van de bronknoppen
(Video, S-Video, DVI-A, DVI-D, Component Video 1 of Component
Video 2) op de afstandsbediening als u een bepaald ingangssignaal
wilt selecteren of druk op de knop SOURCE (Bron) op de projector
als u door de beschikbare invoerbronnen wilt bladeren. Telkens
wanneer u op de knop drukt, wordt de naam van de geselecteerde
bron 3 seconden weergegeven in het midden van het scherm.
De helderheid van het geprojecteerde beeld verandert tijdens het
schakelen tussen de verschillende ingangssignalen. Grafische "PC"-presentaties met stilstaande beelden zijn
doorgaans helderder dan "Video"-presentaties met bewegende beelden (films). De beschikbare
projectietoepassingen zijn afhankelijk van het type ingang. Zie
voor meer informatie.
Bediening
24
Aan/uit op de afstandsbediening of de
I
Aan/uit hebt gedrukt, duurt het
I
"Schakelen tussen ingangssignalen" op pagina 24
voor meer informatie.
voor meer informatie.
"2. Projectietoepassing selecteren" op pagina 29
C
T
C
T