Er is geen controle of de loc dit protocol verstaat! Gelieve bij twijfel dit in de handleiding
van uw locomotief of decoder na te gaan.
11.1.3.2. Adres
In dit vakje zal U het adres van de loc moeten ingeven (afbeelding 40).
Volgens decodertype kan er een beperking zijn.
Met dit adres zal de loc op de baan bestuurd worden.
Bij actief RailComPlus kan elk adres in DCC formaat maar één keer voorkomen .
11.1.3.3. Snifferadres
Het hier aangegeven adres (afbeelding 40) dient voor de ECoSniffer.
Meer gegevens in verband met de ECoSniffer kan U vinden in hoofdstuk 20.
Indien U GEEN oudere toestellen aan de ECoSniffer hebt aangesloten kunt U de
vooringestelde "0" laten.
11.1.3.4. Naam
U kan elke loc een gepersonaliseerde naam geven (afbeelding 40), U hebt hiervoor max. 16
karakters. Deze naam zal bovenop in het hoofdscherm verschijnen bij het oproepen van
deze loc. Vooringesteld is de naam "Nieuw>0003< waarbij de "xxx" met het adres
overeenkomt.
Een naam "kan" meervoudig in de loclijst voorkomen, hier is geen automatische controle
op.
In het hoofdstuk 7.1.1. kan U nagaan hoe U voor uw model de passende
decodertype kan kiezen. Volgens bepaalde keuze kan eventueel een beter
resultaat bereiken.
Locomotieven die met het RailComPlus automatisch zijn aangemeld,
kunnen enkel de rijstappen veranderd worden en dus NIET het
decodertype.
Het aanpassen van decodertype en rijstappen is in de M4 locomotieven
NIET mogelijk.
Oudere Märklin
locomotieven met Delta of 6090x decoders kunnen enkel
®
adressen van 1 tot 80 aanvaarden.
Sommige nieuwe Märklin
evenwel niet tweeledig ingeven (zoals in de Control Unit 6021).
Om de waarde te verhogen, kan U deze ook ingedrukt houden.
Om de waarde te verminderen , kan U deze ook ingedrukt houden.
Deze zal een toetsenbord activeren waarmee U de waarden direct kan
ingeven .
locomotieven kunnen tot 255 aan. U moet deze
®