Als u met de server wilt verbinden en
configuratieinstellingen voor uw apparaat wilt
ontvangen, selecteert u
een profiel en
Opties
>
Als u een serverprofiel wilt maken, selecteert u
Opties
Serverprofielen
>
serverprofiel.
Als u een serverprofiel wilt verwijderen, selecteert u
het profiel en
Opties
> Verwijderen.
Beveiligingsinstellingen
Telefoon en SIM
Selecteer
Menu
Instellingen
>
Telefoonbeheer
Beveiliging
>
kaart.
Maak een keuze uit de volgende opties:
PIN-code vragen
— Als deze optie actief is, moet
●
u bij inschakeling van het apparaat altijd eerst de
PIN-code opgeven. Het kan zijn dat u deze optie bij
sommige SIM-kaarten niet kunt uitschakelen.
PIN-code,
PIN2-code
●
kunt de PIN-code, PIN2-code en blokkeringscode
wijzigen. Deze codes mogen alleen cijfers van 0 tot
9 bevatten. Gebruik geen toegangscodes die lijken
op alarmnummers zodat u niet per ongeluk een
alarmnummer kiest. Neem contact op met uw
serviceprovider als u de PIN- of PIN2-code bent
vergeten. Neem contact op met een Nokia Care-
Opties
> Serverprofielen,
Configuratie
starten.
Opties
Nieuw
>
>
en
Telefoon
>
Telefoon en SIM-
>
en
Blokkeringscode
— U
centrum of uw serviceprovider als u de
blokkeringscode bent vergeten.
Per. autom. blokk. telefn
●
gebruik wilt voorkomen, kunt u een time-out
instellen waarna het apparaat automatisch wordt
vergrendeld. Een vergrendeld apparaat kan pas
weer worden gebruikt nadat de juiste
blokkeringscode is ingevoerd. Selecteer
deze automatische blokkering wilt uitschakelen.
Blok. als SIM-krt gewijz.
●
naar de blokkeringscode wordt gevraagd als een
onbekende SIM-kaart in het apparaat wordt
geplaatst. Op het apparaat wordt een lijst
bijgehouden met SIM-kaarten die worden herkend
als kaarten van de eigenaar.
Ext. telef.vergrendeling
●
in- of uitschakelen.
Beperkte grp gebruikers
●
groep mensen opgeven die u kunt bellen of die u
kunnen bellen (netwerkdienst).
SIM-diensten bevestigen
●
bevestigingsbericht laten weergeven wanneer u
een SIM-kaartdienst gebruikt (netwerkdienst).
In het profiel Offline of Vlucht moet u de vergrendeling
van het apparaat mogelijk opheffen en het apparaat
instellen op het belprofiel voordat u kunt bellen.
Wanneer de oproepen zijn beperkt tot specifieke
gebruikersgroepen, kunt u mogelijk nog wel het
geprogrammeerde alarmnummer draaien.
— Als u ongeoorloofd
Geen
als u
— U kunt instellen dat er
— Extern vergrendelen
— Hiermee kunt u een
— Hiermee kunt u een
151