M o n t e r e n e n a a n s l u i t e n
Kruisschakelaar
Draai de eindschakelaar loopwerk in positie
0.
De positie van de kruisschakelaar is
gemarkeerd met een pijl, die afhankelijk van
de schakeltoestand verder gedraaid wordt.
Houd de eindschakelaar loopwerk zo tegen
de vierkante buis dat de schakelnok de
eindschakelaar loopwerk bedient.
Schroef de eindschakelaar loopwerk met
buisklemmen (2x) aan de verticale vierkante
buis. 15 Nm.
KRUISSCHAKELAAR AANSLUITEN
Leg de aansluitkabel.
Bevestig de aansluitkabel met kabelbinders,
kabelhouders en kleefklemmen.
|
B u f f e r s t a n g e n m o n t e r e n
Zelfborgende moer
met karteling
BUFFERSTANGEN MONTEREN
De bufferstangen voorkomen dat twee loopwerken
(bijv. van twee loopkatten op één kraan) tegen elkaar
kunnen botsen. Ze bestaan uit een metalen frame op
de zijplaten van het loopwerk en een rubberbuffer.
HOUDERS INKORTEN
Afhankelijk van de combinatie van loopwerk en
kettingtakel zijn er twee verschillende lengtes voor de
houders van de bufferstangen op de twee loopwerken.
Houder
Afstand links
Lees de benodigde loopwerk- en
kettingtakelcombinatie af uit de tabel.
Loopwerk Kettingtakel-
combinatie
Links /
rechts
HF 3
GMC / GMC 192
GMC / GM2 192
GMC / GM4 192
GM2 / GM2
GM2 / GM4
GM4 / GM4
HF 6
GM2 / GM2
GM2 / GM4
GM4 / GM4
21
Afstand rechts
Houder
Houder
links
rechts
192
192
192
192
192
192
192
192
192
192
192
192
192
192
192