De meetsnoeren zijn verbonden aan het te meten circuit volgens de volgende schema's.
3.3.1. EENFASE NET
Figuur 9: eenfase verbinding met 2 draden
Figuur 10: eenfase verbinding met 3 draden
3.3.2. TWEEFASEN NET
Figuur 11: tweefasen verbinding met 2 draden
Figuur 12: tweefasen verbinding met 3 draden Figuur 13: tweefasen verbinding met 4 draden
3.3.3. DRIEFASEN NET
Figuur 14: driefasen verbinding met 3 draden
Figuur 15: driefasen verbinding met 4 draden
Figuur 16: driefasen verbinding met 5 draden
In het geval van een driefasennet bent u niet verplicht alle klemmen voor spanning of stroom te verbinden.
Geef voor de driefasen met 3 draden de stroomsensoren aan die aangesloten zullen worden: de 3 sensoren (3A) of slechts 2 (A1
en A2, of A2 en A3 of A3 en A1).
Geef voor de driefasen met 4 en 5 draden de spanningen aan die aangesloten zullen worden: de 3 spanningen (3V) of alleen 2
(V1 en V2, of V2 en V3 of V3 en V1).
20