4. Druk op de pijltoetsen tot het gewenste kleurenmenu op het display
verschijnt en druk op OK.
•
Aangep. kleur: hiermee kunt u het contrast kleur per kleur
aanpassen. Standaard optimaliseert de kleur automatisch. Handm.
aanpas.: hiermee kunt u het kleurcontrast voor elke cassette
handmatig aanpassen. Standaard: deze instelling wordt aanbevolen
voor de beste kleurkwaliteit.
•
Aut. kleurreg.: hiermee kunt u de positie van gedrukte
kleurenteksten of -afbeeldingen aanpassen aan het oorspronkelijke
bestand op uw scherm.
Als u het apparaat hebt verplaatst, wordt ten zeerste aangeraden
om dit menu handmatig te bedienen.
5. Druk op Stoppen/Wissen (
gereedmodus.
WAARSCHUWING TONER BIJNA OP
GEBRUIKEN
Als er geen toner meer in de tonercassette zit, verschijnt een bericht
waarmee de gebruiker wordt gevraagd om de tonercassette te vervangen.
U kunt instellen of u wenst dat dit bericht verschijnt of niet.
1. Druk op Menu (
) tot Systeeminst. op de onderste regel van het
display verschijnt en druk vervolgens op OK.
2. Druk op OK zodra Onderhoud verschijnt.
3. Druk op de pijltoetsen tot Ws tr bijna op verschijnt en druk op OK.
4. Druk op de pijltoetsen om Uit te selecteren.
5. Druk op OK.
6. Druk op Stoppen/Wissen (
gereedmodus.
GEHEUGEN WISSEN
U kunt kiezen welk gedeelte van de informatie in het geheugen u wilt wissen.
Controleer of alle faxtaken zijn voltooid voordat u het geheugen wist,
anders worden deze taken ook gewist.
1. Druk op Menu (
) tot Systeeminst. op de onderste regel van het
display verschijnt en druk vervolgens op OK.
2. Druk op de pijltoetsen tot Instel. wissen verschijnt en druk op OK.
3. Druk op de pijltoetsen tot het item dat u wilt wissen, verschijnt.
Afhankelijk van uw opties of model zullen sommige menu's mogelijk
niet op het display verschijnen. Als dit het geval is, zijn deze opties niet
van toepassing op uw toestel.
OPTIES
Alle instel.
Wist alle gegevens uit het geheugen en herstelt
de standaardinstellingen.
Faxinstel.
Herstelt alle standaardfaxopties.
Kopieerinstel.
Herstelt alle standaardkopieeropties.
Scaninstel.
Herstelt alle standaardscanopties.
Systeeminst.
Herstelt alle standaardsysteemopties.
Netwerk
Herstelt alle standaardnetwerkopties.
58
Onderhoud
|
) om terug te keren naar de
) om terug te keren naar de
BESCHRIJVING
OPTIES
Adresboek
Wist alle faxnummers en e-mailadressen uit het
geheugen.
Verzendrapport
Wist alle informatie van verzonden faxen en e-mails.
Rap. ontv. fax
Wist alle informatie over ontvangen faxberichten.
NetScan-rapp.
Wist informatie over scansessies op het netwerk
in het geheugen.
4. Druk op OK als Ja verschijnt.
5. Druk opnieuw op OK om het wissen te bevestigen.
6. Herhaal stappen 3 tot en met 5 om een ander item te wissen.
7. Druk op Stoppen/Wissen (
gereedmodus.
UW APPARAAT REINIGEN
Volg de onderstaande reinigingsprocedures telkens na vervanging van een
tonercassette of als er problemen ontstaan met afdruk- en scankwaliteit. Dit
is voor het behoud van een goede afdruk- en scankwaliteit.
•
Als u de behuizing van het apparaat reinigt met reinigingsmiddelenen
die veel alcohol, oplosmiddel of andere agressieve substanties
bevatten, kan de behuizing verkleuren of vervormen.
•
Als er toner in het apparaat of in de directe omgeving ervan terecht is
gekomen, raden wij u aan om dit te reinigen met een zachte, met
water bevochtigde doek of tissue. Als u een stofzuiger gebruikt, wordt
de toner in de lucht geblazen. Dit kan schadelijk voor u zijn.
De buitenkant reinigen
U kunt de behuizing van het apparaat het beste schoonmaken met een
zachte, niet-pluizende doek. U kunt de doek enigszins bevochtigen met
water, maar let erop dat er geen water op of in het apparaat druppelt.
Binnenkant reinigen
Tijdens het afdrukken kunnen zich in het apparaat papierresten, toner
en stof verzamelen. Dit kan op een gegeven moment problemen met de
afdrukkwaliteit veroorzaken, zoals tonervlekken of vegen. Deze problemen
kunnen worden gereduceerd of verholpen door de binnenkant van het
apparaat te reinigen.
BESCHRIJVING
) om terug te keren naar de